De onzichtbare bootmobiel
Newbie
Een empirische beschrijving van een psychedelische ervaring die slingert tussen extase en nachtmerrie
Tekst is anoniem geschreven zodat deze geen kans maakt als potentiële carriérebreker
Het is half 10 's avonds op zondag 16 december 2021. Zoals gewoonlijk zit ik in mijn studentenflatje, te Leiden. Ik verveel mij dood. Ik heb vandaag wat strekoefeningen gedaan, Westworld gekeken en wat dingen gefikst voor de reis die ik over een maand ga maken met mijn vriendin. Bijna heel het huis moet studeren en ik heb nergens zin in. Normaal zou ik in dit soort situaties met mijn vriendin gaan chillen, maar die is thuisthuis. Opeens schiet er een gedachte te binnen: ik heb nog een pot paddo's in mijn vriezer die op moet! Deze paddo's heb ik in de zomer van 2020 gekweekt uit een Psilocybe Cubensis Mckennai growkit. De laatste batch uit deze kit is een beetje mislukt; De paddenstoelen zijn net te laat geoogst, waardoor ze al sporen zijn gaan produceren. Hierdoor smaken ze viezer dan normaal, terwijl ze normaal ook al goor zijn. Daarnaast zijn gedroogde paddo's maximaal een jaar houdbaar in de vriezer, dus ze zijn ver over datum. Ondanks deze kleine ongemakken wil ik het potje nog steeds opmaken zonder de inhoud ervan weg te gooien. Ik heb namelijk mijn ziel in het kweek- en droogproces gestoken en de paddo's behandeld alsof het mijn eigen kinderen waren.
De pure smaakexplosie van over-datum slecht-geoogste paddo's zie ik niet zitten, dus ik besluit er een theetje van te zetten. Volgens doseringscalculators van het internet is 3-4 gram aan gedroogde Cubensis paddenstoelen een ‘hoge dosis’ voor iemand van 80kg. Ik gooi de paddo's op de keukenweegschaal en verwijder de meest vieze stukjes met sporen. Het potje bevat 16 gram en, zonder vieze stukjes: 10 gram. Ik besef dat er na het verwijderen van de vieze stukjes nog steeds meer dan een ‘heroïsche dosis’ op de weegschaal ligt; het equivalent van 2-3 volle bakjes truffels. Echter, neem ik dit met een korrel zout, omdat de batch slecht is en over datum. Ik snij het goede deel van de paddo's zo klein mogelijk, waarna ik ze dump in een grote mok met heet water. Na 5 minuten roeren is het recept klaar en voilà; de pret kan beginnen.
Ik consumeer de thee. Ik wil het woord ‘drinken’ niet gebruiken, omdat er zoveel harde droge stukjes paddo inzitten dat het meer op een zwarte soep lijkt dan op thee. Hierdoor vereist het veel kaakdynamiek om alles naar binnen te werken. Het blijkt nog steeds tering goor te zijn, dus ik voeg na ongeveer elke slok wat honing toe. Ik heb gemerkt dat na elke keer opnieuw truffels of paddo's eten de zure smaak viezer wordt. Ondanks het thee-met-honing recept vind ik dit dan ook de smerigste ervaring van alle 15 keren dat ik truffels of paddo's heb geproefd. Na 10 minuten afzien is de mok leeg en sta ik mijn tanden te poetsen. Ik had godzijdank al de film (Baraka, 1992) gedownload die ik wilde kijken voordat ik de paddo's heb genomen, want tijdens het tandenpoetsen beginnen de tegels van de badkamer te dansen. Om kwart over 10 spoel ik voor de laatste keer mijn mond en klap ik mijn slaapbank uit om mijzelf te installeren voor mijn scherm. Mijn telefoon zet ik uit, zodat ik niet gestoord kan worden. Ik knal de film aan en kijk aandachtig de openingsscène waarin ik onder onheilspellende panfluitgeluiden door een Japans gebergte vlieg.

Figuur 1: Sfeerimpressie van Baraka (1992)
Ik weet al wat ik kon verwachten van deze film, omdat ik de opvolger ervan (Samsara, 2011) ook al heb gezien. Dit was tijdens een eerdere trip 3 maanden geleden met paddo's uit hetzelfde potje. Toen had ik voor de zekerheid een stuk minder genomen, omdat de keukenweegschaal kapot was. Beide films, die zijn geregisseerd door Ron Fricke, tonen beelden van maatschappijen; landschappen; en culturen van over de hele wereld. De films zijn non-verhalend, oftewel zonder tekst of spraak. Zo lijkt de film niet op een documentaire en oog je zelf aanwezig te zijn bij de beelden die je ziet; zeker tijdens een trip.
Terwijl mijn hallucinaties steeds meer mijn visie verstoren verhevigt de film: De ongerepte natuur wordt vermengd met beelden van religieuze bijeenkomsten en rituelen. Kerken; tempels; synagogen; en moskeeën in elk werelddeel volgen elkaar af, waarna beelden verschijnen van regenbogen over watervallen en vogels die zich verzamelen voor een trektocht. Mens en natuur zijn één. Geestelijke dansevenementen van primitieve beschavingen worden getoond in combinatie met blinkende rotsformaties in woestijnen en felgekleurde leguanen op bruisende kliffen. De muziek is heilig en sereen. De film laat alle vormen van schoonheid zien op de planeet.
Net zoals in Samsara begint de sfeer van de film na een half uur langzaam te transformeren. Bezienswaardigheden en heiligdommen maken plaats voor verwoesting en verderf van zowel natuur als mens. De audio wordt kil en treurig. Het is nu kwart voor elf en naast de film is de rest van mijn kamer ook aan het beven en trillen met een filter van regenboogkleuren in verschillende vormen. Bomen worden omgezaagd en bergwanden worden opgeblazen, waarna drukke kruispunten in metropolen en kooiwoningen in Azië verschijnen. Het ritme van de audio versnelt en de film laat mensen zien op claustrofobische stations en kinderen die in fabrieken werken. Af en toe word ik afgeleid door een luguber gezicht dat uit de muur achter mijn scherm probeert te ontsnappen, maar ik stuur mijn blik terug naar de film. Het beeld is geaccelereerd zodat de maatschappij lijkt op een mierenkolonie; een gigantische machine waarin elk mens dient als een minuscuul tandwieltje. Ik was de hele tijd na het nemen van de paddo's al misselijk, maar nu bereikt het een piek. Ik moet extreem mijn best doen om niet over mijn nek te gaan. Geavanceerde machines vervoeren eieren vanuit legkippen en kuikens worden gesorteerd aan de hand van hun vleugeltjes, waarna de mannetjes een dodelijke stroomschok krijgen en de vrouwtjes een gesmolten snavelpunt. Ik lig op mijn buik op de slaapbank. Mijn ogen schieten heen en weer tussen het scherm en mijn kleine prullenbakje waar ik inmiddels boven hang.
De audio valt stil en verandert in een sinistere hoge toon. Op het moment dat ik denk dat ik mijn kots niet langer in kan houden, verschijnt een wit geschminkte gestoorde Aziatische man met zijn handen voor zijn ogen. Hij trilt hevig en als hij zijn handen van zijn gezicht haalt zie ik dat zijn ogen in zijn hoofd weggedraaid zijn. Hij begint geluidloos te schreeuwen en de sinistere toon verandert in een onheilspellende sirene. Een hevige angst golft over mij heen en vervangt het misselijkheidsgevoel. Ik trek van het scherm vandaan richting de hoek van de slaapbank. Ik wist dat er een dergelijke scène aan zat te komen, omdat Ron Fricke dit ook altijd in zijn andere films stopt. In Samsara was dit een Franse zakenman die zijn gezicht verft als clown en hysterisch begint te lachen. Ondanks deze kennis had ik geen idee wat voor scéne het precies in de huidige film zou worden. Beide scènes duren gelukkig kort en na afloop ervaar ik een extreem gevoel van opluchting zoals ik het nog nooit eerder heb gevoeld. Daarnaast is de misselijkheid compleet verdwenen.
Je zult inmiddels waarschijnlijk denken: waarom de fuck kies je deze films uit als je in je eentje gaat trippen? Ik ben echter bovennatuurlijk in het sturen van mijn trips en heb veel ervaring met psychedelica in verschillende settingen. Verder heb ik nog nooit een bad trip gehad. Verklaar mij voor gek, maar dingen kijken die voor een korte tijd als eng of spannend gezien kunnen worden maken de ervaring waardevoller. Het brengt mijn trip naar een hoger niveau. Op dit soort momenten voelt het alsof ik een strijd tegen het kwaad aan het voeren ben die ik uiteindelijk altijd win. Wel raad ik af aan andere mensen om hetzelfde te doen, omdat iedereen hier anders op reageert en veel mensen er wel een bad trip door kunnen krijgen.
Terug naar de trip: De volgende scène is een man op een kar die voortgetrokken wordt door ezels. Na een korte stilte begint plotseling: The Host of Seraphim van Dead Can Dance. Ik ben stomverbaasd, want ik had dit totaal niet zien aankomen. Dit evangelisch getinte nummer heb ik in mijn ontgroening vaak geblinddoekt en op mijn knieën in extreme stress moeten aanhoren. Hierdoor heb ik een vreemde relatie gekregen met deze muziek, die zowel prachtig als beangstigend is. Nu ik hard aan het trippen ben is dit nummer extra intens. De muziek is net zoals de film non-verhalend door gebruik te maken van glossolalie; een zang die in een niet bestaande taal is uitgedragen. Ik krijg kippenvel over mijn hele lichaam. De film laat verschillende vormen van armoede zien: honderden mensen en dieren die tussen het afval snuffelen op een gigantische dampende stortplaats; arme kinderen die zich wassen op straat; daklozen onder een viaduct; een close-up van een kind met een dekentje die om een aalmoes vraagt; prostituees die wenken naar potentiële klanten. Mijn verbaasdheid keert om in dankbaarheid. Ik ben dankbaar dat ik in het hier en nu leef; dankbaar dat ik zover ben gekomen en hoe mijn toekomstperspectief er uit ziet. Het brengt zoveel emotie over mij heen dat ik huil.
Ik bereik de piek van mijn trip en ik vind het moeilijk om te onderscheiden welke optische effecten wel en welke niet bij de film horen. Net als ik mijn tranen droog neemt de film een militaristische wending. Er klinkt een oorlogsmars met trommels en doedelzakken terwijl een veld met honderden gevechtsvliegtuigen verschijnt, gevolgd door een stapel met sandalen van oorlogsgevangenen; opgestapelde schedels; en het Chinese terracotta leger. Ik hallucineer behalve visueel nu ook auditief; Onverstaanbaar gefluister, geritsel en gezoem klinkt in synergie met de audio van de film. Ik krijg steeds minder controle over mijn lichaam en voel mij als een cyborg met foutmeldingen. Mijn bewegingen zijn schokkerig en mechanisch. Ik maak om de zoveel tijd een spastische beweging, maar het stoort mij niet. De film toont ruïnes uit Zuid-Amerika, Egypte en het Midden-Oosten. Ik heb geen enkele vorm van emotie meer en ik kan slecht klokkijken. Met moeite begrijp ik dat het ergens tussen elf en twaalf is.
Als de film aan zijn einde komt krijgt de muziek weer een heilig en vredig karakter. Er worden nieuwe religieuze gebouwen en rituelen getoond zoals Hindoes bij de Gangesrivier en Islamitische pelgrims die om de Kaäba heen lopen in Mekka. Woestijnlandschappen onder een sterrenhemel is het laatst wat ik te zien krijg voor de aftiteling. De toepasselijke naam Baraka, wat afgeleid is van Arabische woord voor zegen (بركة) komt geheel tot zijn recht. Ik ben één en al innerlijke vrede. De film duurde maar anderhalf uur, maar het voelt alsof er een dag voorbij is gegaan. Ik heb een moment van apathie, omdat ik nog geen andere activiteit had voorbereid voor na de film. Ik begin mijn kamer te bestuderen en de kunst van Dalí, Klimt, van Gogh en Escher aan mijn muren is nog nooit zo mooi geweest. Nog nooit bewoog en vervormde alles zo hevig. Mijn hele kamer lijkt een eigen leven te hebben en de muren dijen in en- uit op het ritme van mijn ademhaling. Het mooiste is het schilderij dat mijn opa heeft gekocht in Indonesië, waarop bootjes te zien zijn die dobberen op kalm water met tropische begroeiing in de achtergrond. De bladeren lijken heen en weer te waaien en het water rimpelt. Het doet mij denken aan de kranten met bewegende plaatjes uit de Harry Potter films.

Figuur 2: Schilderij uit Indonesië dat van mijn opa is geweest
De vrede slaat over in euforie en blijdschap. Mijn gedachten racen heen en weer over wat we als mensheid allemaal zullen ontdekken en bereiken: het zonnestelsel uit; onsterfelijk worden; teleportatie. Ik heb een gesprek met mijzelf, maar mijn zelfperceptie is nog steeds zwaar verstoord. Ik weet niet of het gesprek in mijn hoofd zit of dat ik het hardop uitschreeuw. Voor de zekerheid begin ik te fluisteren. Naast mijn gesprek gieren er vreemde zinnen en woordcombinaties door mijn hoofd zonder dat ik er zelf controle over heb: hoteldebotel; hupsakee; vader jakob slaapt gij noch; ieneminemutte tien pot grutten; heen-en-weertje; potverkoffie alsjemenou; pompiedompiedom; bombastisch fantastisch; hatseflats; dames en heren appels en peren; etc. Er is geen touw aan vast te knopen, maar ik vind het geweldig. Ik lach hardop om mijn eigen brein. Ik voel mij de koning van de aardbol en begin te bewegen met mijn handen in mijn zakken alsof ik een Russische volksdanser ben. Mijn robotmotoriek is compleet verdwenen en ik heb enorm veel energie. Mijn lichaam voelt als een stuk rubber. Ik heb toverkrachten en kan mijn hallucinaties sturen. Alsof ik een god ben die macht heeft over de elementen; de Messias Avatar. Het boeit mij niet dat mijn gordijnen nog open staan. Als iemand in de flat tegenover mij wat van deze manische episode heeft gezien dan heeft hij/zij zich waarschijnlijk doodgelachen. Ik ben een doorgedraaide idioot die zich kostelijk vermaakt.
Langzamerhand verdwijnt de euforie. Door de gesprekken met mijzelf en het dansen heb ik waarschijnlijk veel geluid heb gemaakt. Mijn huisgenoten, die morgen weer vroeg op moeten, wil ik niet tot last zijn. Op een gegeven moment hoor ik geluiden op de gang. Eerst een paar bekende stemmen die wat woorden wisselen, maar daarna klinkt het alsof het hele huis voor mijn deur aan het lachen is. Wetende dat mijn ogen één en al pupil zijn en ik op een heel ander level zit, doe ik de deur niet open om te kijken. Ik vraag mij af of ik het überhaupt zou kunnen horen als iemand aanklopt, want ik hallucineer nog steeds ritselende en zoemende geluiden. Dit hele denkproces maakt mij langzaam paranoïde. Ik zit apathisch op mijn slaapbank en weet even niet meer waar ik ook alweer mee bezig was. Ik weet ook niet wat ik nu wil gaan doen. Ik kan helemaal geen klok meer kijken. Ik stoor mij aan mijn slordige kamer, maar ik weet niet of het slim is om alles nu op te ruimen. Ik zit verstijfd en kijk voor mij uit. De visuele hallucinaties lijken minder te worden, maar de auditieve hallucinaties blijven maar doorgaan. Ik besef mij ineens dat ik impulsief echt abnormaal veel paddo's heb genomen. Was dit wel zo'n goed idee?
Dit is tot toe mijn heftigste trip ooit. Hoeveel gram was het ook alweer? Mijn hoofd is leeg en ik heb een moment van executieve dysfunctie. Ik moet aan meerdere vrienden denken die een ‘bad-trip’ hebben gehad van paddo's of truffels. Eigenlijk is het een wonder dat ik zelf nog nooit slecht ben gegaan. Waardefuck ben ik eigenlijk mee bezig? Had ik een uur geleden een manische episode? Zoiets heb ik nog nooit meegemaakt aan de psychedelica. Straks is dit letterlijk het keerpunt van mijn leven, de aftrap van mijn gestoordheid. Volgens mij heb ik net extreem veel geluid gemaakt. Heeft de hele flat mij gehoord? Dat zal niet best hebben geklonken. Het hele huis lacht nog steeds voor mijn deur. Ik zet mijn telefoon aan en zie dat ik veel meldingen heb. Het heeft geen zin om whatsapp of snapchat te openen, want ik weet dat ik ze nu toch niet kan besturen. Ik word oncomfortabel en wil mijn kamer opruimen, maar ik ben verlamd. Ik kan niet opstaan en zit vast in de bureaustoel. Trillend drink ik mijn waterfles leeg.
Na wat een oneindigheid duurt lukt het mij om op te staan. Ik begin langzaam mijn kamer op te ruimen. Dit gaat enorm moeizaam. De slaapbank wil niet dicht en ik weet niet meer op welke plaats mijn spullen horen. Ik ben een vreemde man met Parkinson geworden in mijn eigen kamer. Hoewel vreemde woorden en zinscombinaties nog steeds door mijn hoofd spoken, stop ik tijdens het opruimen met tegen mijzelf praten. Ik wil doorpraten maar ik haper. Alle woorden die ik zoek liggen op het puntje van mijn tong, maar komen er niet uit. Ik merk hoe ongemakkelijk stil het is in mijn kamer. Na een lange tijd aan denken, opruimen, denken, opruimen etc., ben ik eindelijk klaar. Ik ga uitgeput achter mijn pc zitten, maar ik snap niet meer hoe het apparaat werkt. Hierdoor kan ik ook geen muziek op zetten. Mijn kamer ziet er spik en span uit, maar waar deed ik het ook alweer voor? Ik heb geen gevoel van voldoening en voel mij juist nog verwarder dan eerst. Ben ik nou nog aan het trippen of niet? Het lijkt alsof ik geen hallucinaties meer heb, maar ik kan nog steeds niet klokkijken. Wat ging ik morgen ook alweer doen? Hoe oud ben ik ook alweer? Ik tel op mijn handen, maar ik weet het allemaal niet. Ben ik een goed persoon? Ben ik mensen tot last? Zal ik naar bed gaan? Ik kan niets meer.
Ik ben geestelijk overleden en word neerslachtig. Ik ben wel vaker incapabel geweest aan de psychedelica, maar dit keer voelt het anders. Alsof ik een onomkeerbaar proces in werking heb gezet. Ik weet ineens voor 99% zeker dat ik een schizofrene gek ben geworden. Dit was het dan. Ik ben te ver gegaan. De vijftiende keer psilocybine door mijn lichaam is fataal geweest voor mijn brein. Veertien keer ging het goed, ik heb van mijn geluk genoten, maar nu is het eindelijk mis. Wat dacht ik ook? Vroeg of laat zou het fout gaan. Het voelt alsof ik niet meer dezelfde persoon ben. Waarschijnlijk word ik vanavond nog opgehaald door de politie. Ik heb de hele flat bij elkaar geschreeuwd en mijn huis doodsbang gemaakt als losgeslagen maniak. Heel Leiden gaat horen dat er in dit huis iemand compleet door het lint is gegaan. Morgen kom ik waarschijnlijk mijn kamer niet uit. Ik betaal de allerhoogste prijs voor mijn onvoorzichtigheid: De rest van mijn bestaan zal ik leven als een gevaarlijke gek in een dwangbuis die overal begeleiding bij nodig heeft. Ik probeer mijn reservering bij de boulderhal van elf uur 's ochtends te cancelen. Het duurt eindeloos voordat ik begrijp hoe dit ook alweer gaat (app openen, 2 klikken). De reis met mijn vriendin gaat ongetwijfeld niet meer door. De gedachte om alle 9 vluchten, 12 accommodaties en 4 gehuurde auto's per direct te annuleren flitst door mijn hoofd. Het laatste restje wat over is van mijn gezonde verstand overtuigt mij om dit morgen aan te kijken. Als ik het nu zou proberen zou het waarschijnlijk toch niet lukken.
Ik ben verslagen en besluit om naar bed te gaan. Ik kan nog steeds niet klokkijken, maar voor mijn gevoel is het best laat. Ik open de deur en loop door de gang naar de wc. Ik merk hier pas weer dat ik nog steeds hevig aan het hallucineren ben. De gang is gevuld met regenboogkleuren en verandert van lengte alsof ik door een elastische sluis tussen 2 ruimteschepen reis. Ik vind het moeilijk om mijn evenwicht te bewaren, maar het lukt mij zonder problemen om mijn missie te volbrengen en terug mijn kamer in te komen. Ik ga in bed liggen en mompel in mijzelf. Waarom overkomt mij dit? Ik doe toch niemand iets kwaad? Ik ben rusteloos en kan niet slapen. De vreemde stroom aan woordencombinaties in mijn hoofd houdt niet op: hatsekidee; cornetto difretto; jatochnietdan; oempa loempa; jeetjemineetje; pim pam pet. Nu kan ik er niet meer van genieten. Ik sluit mijn ogen en zie de blauwdrukken van mijzelf. Waar mijn spieren en pezen van celweefsel hechten aan mijn kunstmatige ruggenmerg. Hoe mijn gemodificeerde computerbrein zweeft- en beschermt zit in mijn synthetische schedel. Ik ben een versmelting tussen mens en machine waarvan het systeem crasht. Ik kan niet in slaap komen. Mijn brein giert na al deze uren nog steeds van de neurotransmitters. Dit gaat de hele nacht zo door. Om de zoveel tijd moet ik naar het toilet; heen en weer door de ruimtesluis. Gelukkig word ik na mijn vierde toiletbezoek geleidelijk helderder en rustiger. De gang is weer als vanouds geworden. Wat was deze dag bizar. Als het licht begint te worden val ik eindelijk in slaap.
Ik word wakker rond één uur 's middags. Watdefuck is er gisteren gebeurd? Ik spring uit mijn bed en kijk naar mezelf in de spiegel. Zowel mentaal als fysiek voel ik mij extreem vitaal. Hoera! Ik ben niet gek geworden! Ik ben herboren en denk weer helemaal normaal. Beter dan normaal zelfs! Ik maak gelijk een nieuwe reservering bij de boulderhal. In de douche grijns ik van oor tot oor. Na mijn ochtendroutine en ontbijt spreek ik over mijn trip tegen wat huisgenoten. Blijkbaar heeft niemand mij gehoord en behalve wat gepraat op de gang na terugkeer uit de UB ging iedereen snel naar bed. Ik ben verbluft. Het hele huis die voor mijn deur aan het lachen was, heb ik dus compleet gehallucineerd en ik heb geen vlieg kwaad gedaan. Hoewel ik maar een paar uur heb geslapen en gisteren een geestelijke bijna-doodervaring heb gehad ben ik de hele dag onwijs gelukkig. Ik fiks wat dingen voor mijn reis en in de boulderhal heb ik een bovengemiddelde sessie. Door de recente lockdown ben ik uit vorm, maar toch klim ik een paar 6C's en een 7A. Gisteravond was ik nog overtuigd dat ik vandaag afgevoerd zou worden naar een gesticht, maar nu voel ik mij beter dan ooit. Mijn dag kan niet meer stuk. Ik zie de ervaring van gisteren niet als een 'bad-trip'. Ondanks de nieuw bereikte dieptepunten heb ik allesbehalve een slechte ervaring eraan overgehouden. Ik voel mij juist geweldig nu, uit de as herrezen. Ik wil deze ervaring nooit meer vergeten en begin dezelfde dag nog aan deze tekst. Aan het eind van mijn leven wil ik dit terug kunnen lezen met een glimlach op mijn gezicht. Baraka, maar dit was niet zomaar een zegen. Ik ben meer dan gezegend. Psychedelica zijn fantastisch.
Tekst is anoniem geschreven zodat deze geen kans maakt als potentiële carriérebreker
Het is half 10 's avonds op zondag 16 december 2021. Zoals gewoonlijk zit ik in mijn studentenflatje, te Leiden. Ik verveel mij dood. Ik heb vandaag wat strekoefeningen gedaan, Westworld gekeken en wat dingen gefikst voor de reis die ik over een maand ga maken met mijn vriendin. Bijna heel het huis moet studeren en ik heb nergens zin in. Normaal zou ik in dit soort situaties met mijn vriendin gaan chillen, maar die is thuisthuis. Opeens schiet er een gedachte te binnen: ik heb nog een pot paddo's in mijn vriezer die op moet! Deze paddo's heb ik in de zomer van 2020 gekweekt uit een Psilocybe Cubensis Mckennai growkit. De laatste batch uit deze kit is een beetje mislukt; De paddenstoelen zijn net te laat geoogst, waardoor ze al sporen zijn gaan produceren. Hierdoor smaken ze viezer dan normaal, terwijl ze normaal ook al goor zijn. Daarnaast zijn gedroogde paddo's maximaal een jaar houdbaar in de vriezer, dus ze zijn ver over datum. Ondanks deze kleine ongemakken wil ik het potje nog steeds opmaken zonder de inhoud ervan weg te gooien. Ik heb namelijk mijn ziel in het kweek- en droogproces gestoken en de paddo's behandeld alsof het mijn eigen kinderen waren.
De pure smaakexplosie van over-datum slecht-geoogste paddo's zie ik niet zitten, dus ik besluit er een theetje van te zetten. Volgens doseringscalculators van het internet is 3-4 gram aan gedroogde Cubensis paddenstoelen een ‘hoge dosis’ voor iemand van 80kg. Ik gooi de paddo's op de keukenweegschaal en verwijder de meest vieze stukjes met sporen. Het potje bevat 16 gram en, zonder vieze stukjes: 10 gram. Ik besef dat er na het verwijderen van de vieze stukjes nog steeds meer dan een ‘heroïsche dosis’ op de weegschaal ligt; het equivalent van 2-3 volle bakjes truffels. Echter, neem ik dit met een korrel zout, omdat de batch slecht is en over datum. Ik snij het goede deel van de paddo's zo klein mogelijk, waarna ik ze dump in een grote mok met heet water. Na 5 minuten roeren is het recept klaar en voilà; de pret kan beginnen.
Ik consumeer de thee. Ik wil het woord ‘drinken’ niet gebruiken, omdat er zoveel harde droge stukjes paddo inzitten dat het meer op een zwarte soep lijkt dan op thee. Hierdoor vereist het veel kaakdynamiek om alles naar binnen te werken. Het blijkt nog steeds tering goor te zijn, dus ik voeg na ongeveer elke slok wat honing toe. Ik heb gemerkt dat na elke keer opnieuw truffels of paddo's eten de zure smaak viezer wordt. Ondanks het thee-met-honing recept vind ik dit dan ook de smerigste ervaring van alle 15 keren dat ik truffels of paddo's heb geproefd. Na 10 minuten afzien is de mok leeg en sta ik mijn tanden te poetsen. Ik had godzijdank al de film (Baraka, 1992) gedownload die ik wilde kijken voordat ik de paddo's heb genomen, want tijdens het tandenpoetsen beginnen de tegels van de badkamer te dansen. Om kwart over 10 spoel ik voor de laatste keer mijn mond en klap ik mijn slaapbank uit om mijzelf te installeren voor mijn scherm. Mijn telefoon zet ik uit, zodat ik niet gestoord kan worden. Ik knal de film aan en kijk aandachtig de openingsscène waarin ik onder onheilspellende panfluitgeluiden door een Japans gebergte vlieg.

Figuur 1: Sfeerimpressie van Baraka (1992)
Ik weet al wat ik kon verwachten van deze film, omdat ik de opvolger ervan (Samsara, 2011) ook al heb gezien. Dit was tijdens een eerdere trip 3 maanden geleden met paddo's uit hetzelfde potje. Toen had ik voor de zekerheid een stuk minder genomen, omdat de keukenweegschaal kapot was. Beide films, die zijn geregisseerd door Ron Fricke, tonen beelden van maatschappijen; landschappen; en culturen van over de hele wereld. De films zijn non-verhalend, oftewel zonder tekst of spraak. Zo lijkt de film niet op een documentaire en oog je zelf aanwezig te zijn bij de beelden die je ziet; zeker tijdens een trip.
Terwijl mijn hallucinaties steeds meer mijn visie verstoren verhevigt de film: De ongerepte natuur wordt vermengd met beelden van religieuze bijeenkomsten en rituelen. Kerken; tempels; synagogen; en moskeeën in elk werelddeel volgen elkaar af, waarna beelden verschijnen van regenbogen over watervallen en vogels die zich verzamelen voor een trektocht. Mens en natuur zijn één. Geestelijke dansevenementen van primitieve beschavingen worden getoond in combinatie met blinkende rotsformaties in woestijnen en felgekleurde leguanen op bruisende kliffen. De muziek is heilig en sereen. De film laat alle vormen van schoonheid zien op de planeet.
Net zoals in Samsara begint de sfeer van de film na een half uur langzaam te transformeren. Bezienswaardigheden en heiligdommen maken plaats voor verwoesting en verderf van zowel natuur als mens. De audio wordt kil en treurig. Het is nu kwart voor elf en naast de film is de rest van mijn kamer ook aan het beven en trillen met een filter van regenboogkleuren in verschillende vormen. Bomen worden omgezaagd en bergwanden worden opgeblazen, waarna drukke kruispunten in metropolen en kooiwoningen in Azië verschijnen. Het ritme van de audio versnelt en de film laat mensen zien op claustrofobische stations en kinderen die in fabrieken werken. Af en toe word ik afgeleid door een luguber gezicht dat uit de muur achter mijn scherm probeert te ontsnappen, maar ik stuur mijn blik terug naar de film. Het beeld is geaccelereerd zodat de maatschappij lijkt op een mierenkolonie; een gigantische machine waarin elk mens dient als een minuscuul tandwieltje. Ik was de hele tijd na het nemen van de paddo's al misselijk, maar nu bereikt het een piek. Ik moet extreem mijn best doen om niet over mijn nek te gaan. Geavanceerde machines vervoeren eieren vanuit legkippen en kuikens worden gesorteerd aan de hand van hun vleugeltjes, waarna de mannetjes een dodelijke stroomschok krijgen en de vrouwtjes een gesmolten snavelpunt. Ik lig op mijn buik op de slaapbank. Mijn ogen schieten heen en weer tussen het scherm en mijn kleine prullenbakje waar ik inmiddels boven hang.
De audio valt stil en verandert in een sinistere hoge toon. Op het moment dat ik denk dat ik mijn kots niet langer in kan houden, verschijnt een wit geschminkte gestoorde Aziatische man met zijn handen voor zijn ogen. Hij trilt hevig en als hij zijn handen van zijn gezicht haalt zie ik dat zijn ogen in zijn hoofd weggedraaid zijn. Hij begint geluidloos te schreeuwen en de sinistere toon verandert in een onheilspellende sirene. Een hevige angst golft over mij heen en vervangt het misselijkheidsgevoel. Ik trek van het scherm vandaan richting de hoek van de slaapbank. Ik wist dat er een dergelijke scène aan zat te komen, omdat Ron Fricke dit ook altijd in zijn andere films stopt. In Samsara was dit een Franse zakenman die zijn gezicht verft als clown en hysterisch begint te lachen. Ondanks deze kennis had ik geen idee wat voor scéne het precies in de huidige film zou worden. Beide scènes duren gelukkig kort en na afloop ervaar ik een extreem gevoel van opluchting zoals ik het nog nooit eerder heb gevoeld. Daarnaast is de misselijkheid compleet verdwenen.
Je zult inmiddels waarschijnlijk denken: waarom de fuck kies je deze films uit als je in je eentje gaat trippen? Ik ben echter bovennatuurlijk in het sturen van mijn trips en heb veel ervaring met psychedelica in verschillende settingen. Verder heb ik nog nooit een bad trip gehad. Verklaar mij voor gek, maar dingen kijken die voor een korte tijd als eng of spannend gezien kunnen worden maken de ervaring waardevoller. Het brengt mijn trip naar een hoger niveau. Op dit soort momenten voelt het alsof ik een strijd tegen het kwaad aan het voeren ben die ik uiteindelijk altijd win. Wel raad ik af aan andere mensen om hetzelfde te doen, omdat iedereen hier anders op reageert en veel mensen er wel een bad trip door kunnen krijgen.
Terug naar de trip: De volgende scène is een man op een kar die voortgetrokken wordt door ezels. Na een korte stilte begint plotseling: The Host of Seraphim van Dead Can Dance. Ik ben stomverbaasd, want ik had dit totaal niet zien aankomen. Dit evangelisch getinte nummer heb ik in mijn ontgroening vaak geblinddoekt en op mijn knieën in extreme stress moeten aanhoren. Hierdoor heb ik een vreemde relatie gekregen met deze muziek, die zowel prachtig als beangstigend is. Nu ik hard aan het trippen ben is dit nummer extra intens. De muziek is net zoals de film non-verhalend door gebruik te maken van glossolalie; een zang die in een niet bestaande taal is uitgedragen. Ik krijg kippenvel over mijn hele lichaam. De film laat verschillende vormen van armoede zien: honderden mensen en dieren die tussen het afval snuffelen op een gigantische dampende stortplaats; arme kinderen die zich wassen op straat; daklozen onder een viaduct; een close-up van een kind met een dekentje die om een aalmoes vraagt; prostituees die wenken naar potentiële klanten. Mijn verbaasdheid keert om in dankbaarheid. Ik ben dankbaar dat ik in het hier en nu leef; dankbaar dat ik zover ben gekomen en hoe mijn toekomstperspectief er uit ziet. Het brengt zoveel emotie over mij heen dat ik huil.
Ik bereik de piek van mijn trip en ik vind het moeilijk om te onderscheiden welke optische effecten wel en welke niet bij de film horen. Net als ik mijn tranen droog neemt de film een militaristische wending. Er klinkt een oorlogsmars met trommels en doedelzakken terwijl een veld met honderden gevechtsvliegtuigen verschijnt, gevolgd door een stapel met sandalen van oorlogsgevangenen; opgestapelde schedels; en het Chinese terracotta leger. Ik hallucineer behalve visueel nu ook auditief; Onverstaanbaar gefluister, geritsel en gezoem klinkt in synergie met de audio van de film. Ik krijg steeds minder controle over mijn lichaam en voel mij als een cyborg met foutmeldingen. Mijn bewegingen zijn schokkerig en mechanisch. Ik maak om de zoveel tijd een spastische beweging, maar het stoort mij niet. De film toont ruïnes uit Zuid-Amerika, Egypte en het Midden-Oosten. Ik heb geen enkele vorm van emotie meer en ik kan slecht klokkijken. Met moeite begrijp ik dat het ergens tussen elf en twaalf is.
Als de film aan zijn einde komt krijgt de muziek weer een heilig en vredig karakter. Er worden nieuwe religieuze gebouwen en rituelen getoond zoals Hindoes bij de Gangesrivier en Islamitische pelgrims die om de Kaäba heen lopen in Mekka. Woestijnlandschappen onder een sterrenhemel is het laatst wat ik te zien krijg voor de aftiteling. De toepasselijke naam Baraka, wat afgeleid is van Arabische woord voor zegen (بركة) komt geheel tot zijn recht. Ik ben één en al innerlijke vrede. De film duurde maar anderhalf uur, maar het voelt alsof er een dag voorbij is gegaan. Ik heb een moment van apathie, omdat ik nog geen andere activiteit had voorbereid voor na de film. Ik begin mijn kamer te bestuderen en de kunst van Dalí, Klimt, van Gogh en Escher aan mijn muren is nog nooit zo mooi geweest. Nog nooit bewoog en vervormde alles zo hevig. Mijn hele kamer lijkt een eigen leven te hebben en de muren dijen in en- uit op het ritme van mijn ademhaling. Het mooiste is het schilderij dat mijn opa heeft gekocht in Indonesië, waarop bootjes te zien zijn die dobberen op kalm water met tropische begroeiing in de achtergrond. De bladeren lijken heen en weer te waaien en het water rimpelt. Het doet mij denken aan de kranten met bewegende plaatjes uit de Harry Potter films.

Figuur 2: Schilderij uit Indonesië dat van mijn opa is geweest
De vrede slaat over in euforie en blijdschap. Mijn gedachten racen heen en weer over wat we als mensheid allemaal zullen ontdekken en bereiken: het zonnestelsel uit; onsterfelijk worden; teleportatie. Ik heb een gesprek met mijzelf, maar mijn zelfperceptie is nog steeds zwaar verstoord. Ik weet niet of het gesprek in mijn hoofd zit of dat ik het hardop uitschreeuw. Voor de zekerheid begin ik te fluisteren. Naast mijn gesprek gieren er vreemde zinnen en woordcombinaties door mijn hoofd zonder dat ik er zelf controle over heb: hoteldebotel; hupsakee; vader jakob slaapt gij noch; ieneminemutte tien pot grutten; heen-en-weertje; potverkoffie alsjemenou; pompiedompiedom; bombastisch fantastisch; hatseflats; dames en heren appels en peren; etc. Er is geen touw aan vast te knopen, maar ik vind het geweldig. Ik lach hardop om mijn eigen brein. Ik voel mij de koning van de aardbol en begin te bewegen met mijn handen in mijn zakken alsof ik een Russische volksdanser ben. Mijn robotmotoriek is compleet verdwenen en ik heb enorm veel energie. Mijn lichaam voelt als een stuk rubber. Ik heb toverkrachten en kan mijn hallucinaties sturen. Alsof ik een god ben die macht heeft over de elementen; de Messias Avatar. Het boeit mij niet dat mijn gordijnen nog open staan. Als iemand in de flat tegenover mij wat van deze manische episode heeft gezien dan heeft hij/zij zich waarschijnlijk doodgelachen. Ik ben een doorgedraaide idioot die zich kostelijk vermaakt.
Langzamerhand verdwijnt de euforie. Door de gesprekken met mijzelf en het dansen heb ik waarschijnlijk veel geluid heb gemaakt. Mijn huisgenoten, die morgen weer vroeg op moeten, wil ik niet tot last zijn. Op een gegeven moment hoor ik geluiden op de gang. Eerst een paar bekende stemmen die wat woorden wisselen, maar daarna klinkt het alsof het hele huis voor mijn deur aan het lachen is. Wetende dat mijn ogen één en al pupil zijn en ik op een heel ander level zit, doe ik de deur niet open om te kijken. Ik vraag mij af of ik het überhaupt zou kunnen horen als iemand aanklopt, want ik hallucineer nog steeds ritselende en zoemende geluiden. Dit hele denkproces maakt mij langzaam paranoïde. Ik zit apathisch op mijn slaapbank en weet even niet meer waar ik ook alweer mee bezig was. Ik weet ook niet wat ik nu wil gaan doen. Ik kan helemaal geen klok meer kijken. Ik stoor mij aan mijn slordige kamer, maar ik weet niet of het slim is om alles nu op te ruimen. Ik zit verstijfd en kijk voor mij uit. De visuele hallucinaties lijken minder te worden, maar de auditieve hallucinaties blijven maar doorgaan. Ik besef mij ineens dat ik impulsief echt abnormaal veel paddo's heb genomen. Was dit wel zo'n goed idee?
Dit is tot toe mijn heftigste trip ooit. Hoeveel gram was het ook alweer? Mijn hoofd is leeg en ik heb een moment van executieve dysfunctie. Ik moet aan meerdere vrienden denken die een ‘bad-trip’ hebben gehad van paddo's of truffels. Eigenlijk is het een wonder dat ik zelf nog nooit slecht ben gegaan. Waardefuck ben ik eigenlijk mee bezig? Had ik een uur geleden een manische episode? Zoiets heb ik nog nooit meegemaakt aan de psychedelica. Straks is dit letterlijk het keerpunt van mijn leven, de aftrap van mijn gestoordheid. Volgens mij heb ik net extreem veel geluid gemaakt. Heeft de hele flat mij gehoord? Dat zal niet best hebben geklonken. Het hele huis lacht nog steeds voor mijn deur. Ik zet mijn telefoon aan en zie dat ik veel meldingen heb. Het heeft geen zin om whatsapp of snapchat te openen, want ik weet dat ik ze nu toch niet kan besturen. Ik word oncomfortabel en wil mijn kamer opruimen, maar ik ben verlamd. Ik kan niet opstaan en zit vast in de bureaustoel. Trillend drink ik mijn waterfles leeg.
Na wat een oneindigheid duurt lukt het mij om op te staan. Ik begin langzaam mijn kamer op te ruimen. Dit gaat enorm moeizaam. De slaapbank wil niet dicht en ik weet niet meer op welke plaats mijn spullen horen. Ik ben een vreemde man met Parkinson geworden in mijn eigen kamer. Hoewel vreemde woorden en zinscombinaties nog steeds door mijn hoofd spoken, stop ik tijdens het opruimen met tegen mijzelf praten. Ik wil doorpraten maar ik haper. Alle woorden die ik zoek liggen op het puntje van mijn tong, maar komen er niet uit. Ik merk hoe ongemakkelijk stil het is in mijn kamer. Na een lange tijd aan denken, opruimen, denken, opruimen etc., ben ik eindelijk klaar. Ik ga uitgeput achter mijn pc zitten, maar ik snap niet meer hoe het apparaat werkt. Hierdoor kan ik ook geen muziek op zetten. Mijn kamer ziet er spik en span uit, maar waar deed ik het ook alweer voor? Ik heb geen gevoel van voldoening en voel mij juist nog verwarder dan eerst. Ben ik nou nog aan het trippen of niet? Het lijkt alsof ik geen hallucinaties meer heb, maar ik kan nog steeds niet klokkijken. Wat ging ik morgen ook alweer doen? Hoe oud ben ik ook alweer? Ik tel op mijn handen, maar ik weet het allemaal niet. Ben ik een goed persoon? Ben ik mensen tot last? Zal ik naar bed gaan? Ik kan niets meer.
Ik ben geestelijk overleden en word neerslachtig. Ik ben wel vaker incapabel geweest aan de psychedelica, maar dit keer voelt het anders. Alsof ik een onomkeerbaar proces in werking heb gezet. Ik weet ineens voor 99% zeker dat ik een schizofrene gek ben geworden. Dit was het dan. Ik ben te ver gegaan. De vijftiende keer psilocybine door mijn lichaam is fataal geweest voor mijn brein. Veertien keer ging het goed, ik heb van mijn geluk genoten, maar nu is het eindelijk mis. Wat dacht ik ook? Vroeg of laat zou het fout gaan. Het voelt alsof ik niet meer dezelfde persoon ben. Waarschijnlijk word ik vanavond nog opgehaald door de politie. Ik heb de hele flat bij elkaar geschreeuwd en mijn huis doodsbang gemaakt als losgeslagen maniak. Heel Leiden gaat horen dat er in dit huis iemand compleet door het lint is gegaan. Morgen kom ik waarschijnlijk mijn kamer niet uit. Ik betaal de allerhoogste prijs voor mijn onvoorzichtigheid: De rest van mijn bestaan zal ik leven als een gevaarlijke gek in een dwangbuis die overal begeleiding bij nodig heeft. Ik probeer mijn reservering bij de boulderhal van elf uur 's ochtends te cancelen. Het duurt eindeloos voordat ik begrijp hoe dit ook alweer gaat (app openen, 2 klikken). De reis met mijn vriendin gaat ongetwijfeld niet meer door. De gedachte om alle 9 vluchten, 12 accommodaties en 4 gehuurde auto's per direct te annuleren flitst door mijn hoofd. Het laatste restje wat over is van mijn gezonde verstand overtuigt mij om dit morgen aan te kijken. Als ik het nu zou proberen zou het waarschijnlijk toch niet lukken.
Ik ben verslagen en besluit om naar bed te gaan. Ik kan nog steeds niet klokkijken, maar voor mijn gevoel is het best laat. Ik open de deur en loop door de gang naar de wc. Ik merk hier pas weer dat ik nog steeds hevig aan het hallucineren ben. De gang is gevuld met regenboogkleuren en verandert van lengte alsof ik door een elastische sluis tussen 2 ruimteschepen reis. Ik vind het moeilijk om mijn evenwicht te bewaren, maar het lukt mij zonder problemen om mijn missie te volbrengen en terug mijn kamer in te komen. Ik ga in bed liggen en mompel in mijzelf. Waarom overkomt mij dit? Ik doe toch niemand iets kwaad? Ik ben rusteloos en kan niet slapen. De vreemde stroom aan woordencombinaties in mijn hoofd houdt niet op: hatsekidee; cornetto difretto; jatochnietdan; oempa loempa; jeetjemineetje; pim pam pet. Nu kan ik er niet meer van genieten. Ik sluit mijn ogen en zie de blauwdrukken van mijzelf. Waar mijn spieren en pezen van celweefsel hechten aan mijn kunstmatige ruggenmerg. Hoe mijn gemodificeerde computerbrein zweeft- en beschermt zit in mijn synthetische schedel. Ik ben een versmelting tussen mens en machine waarvan het systeem crasht. Ik kan niet in slaap komen. Mijn brein giert na al deze uren nog steeds van de neurotransmitters. Dit gaat de hele nacht zo door. Om de zoveel tijd moet ik naar het toilet; heen en weer door de ruimtesluis. Gelukkig word ik na mijn vierde toiletbezoek geleidelijk helderder en rustiger. De gang is weer als vanouds geworden. Wat was deze dag bizar. Als het licht begint te worden val ik eindelijk in slaap.
Ik word wakker rond één uur 's middags. Watdefuck is er gisteren gebeurd? Ik spring uit mijn bed en kijk naar mezelf in de spiegel. Zowel mentaal als fysiek voel ik mij extreem vitaal. Hoera! Ik ben niet gek geworden! Ik ben herboren en denk weer helemaal normaal. Beter dan normaal zelfs! Ik maak gelijk een nieuwe reservering bij de boulderhal. In de douche grijns ik van oor tot oor. Na mijn ochtendroutine en ontbijt spreek ik over mijn trip tegen wat huisgenoten. Blijkbaar heeft niemand mij gehoord en behalve wat gepraat op de gang na terugkeer uit de UB ging iedereen snel naar bed. Ik ben verbluft. Het hele huis die voor mijn deur aan het lachen was, heb ik dus compleet gehallucineerd en ik heb geen vlieg kwaad gedaan. Hoewel ik maar een paar uur heb geslapen en gisteren een geestelijke bijna-doodervaring heb gehad ben ik de hele dag onwijs gelukkig. Ik fiks wat dingen voor mijn reis en in de boulderhal heb ik een bovengemiddelde sessie. Door de recente lockdown ben ik uit vorm, maar toch klim ik een paar 6C's en een 7A. Gisteravond was ik nog overtuigd dat ik vandaag afgevoerd zou worden naar een gesticht, maar nu voel ik mij beter dan ooit. Mijn dag kan niet meer stuk. Ik zie de ervaring van gisteren niet als een 'bad-trip'. Ondanks de nieuw bereikte dieptepunten heb ik allesbehalve een slechte ervaring eraan overgehouden. Ik voel mij juist geweldig nu, uit de as herrezen. Ik wil deze ervaring nooit meer vergeten en begin dezelfde dag nog aan deze tekst. Aan het eind van mijn leven wil ik dit terug kunnen lezen met een glimlach op mijn gezicht. Baraka, maar dit was niet zomaar een zegen. Ik ben meer dan gezegend. Psychedelica zijn fantastisch.
Laatst bewerkt: