Een geruststellende massa welwillenden blijft in stilte kloven dichten, zoals men vroeger de aftandse wegen gelijk maakte met het as uit hun kolenkachels, als een menselijke behoefte om elkaar te vinden en te helpen.
En toch is er die lelijke hap uit ons collectief fortuin, waarvan de onverteerbare stukken met hetzelfde gemak wordt uitgekotst. Een groot gapend gat achterlatend.
Ik draag er de bittere brokken van en ik bezwijk onder het gewicht van misplaatste correctheid, bij gebrek aan stevigheid van een goed gewortelde boom, zoals alleen kinderen van de rekening dat doen.
Mijn vragen vormen een kluwen in mijn buik, vast gezet door een verstikkende hap adem. Wachtend op de de kracht van tedere handen en vatbare ogen die mijn zucht kunnen zien en mijn vragen kunnen dragen.
Maar dan toch eindelijk en totaal onverwacht blijft een warme handafdruk op mijn rug nagloeien. Een zachte zoen. Een onomstotelijke kracht door iemand die mij overeind houdt.
Mijn adem heeft een uitweg gevonden met een stroom tranen in zijn kielzog. Er zijn áltijd mensen die niet oordelen, die begrip hebben en willen helpen. Er schuilen moeders en vaders in sommigen onder ons. Ze zijn er. Haast onzichtbaar en geluidloos, maar wel voor iedereen.
En toch is er die lelijke hap uit ons collectief fortuin, waarvan de onverteerbare stukken met hetzelfde gemak wordt uitgekotst. Een groot gapend gat achterlatend.
Ik draag er de bittere brokken van en ik bezwijk onder het gewicht van misplaatste correctheid, bij gebrek aan stevigheid van een goed gewortelde boom, zoals alleen kinderen van de rekening dat doen.
Mijn vragen vormen een kluwen in mijn buik, vast gezet door een verstikkende hap adem. Wachtend op de de kracht van tedere handen en vatbare ogen die mijn zucht kunnen zien en mijn vragen kunnen dragen.
Maar dan toch eindelijk en totaal onverwacht blijft een warme handafdruk op mijn rug nagloeien. Een zachte zoen. Een onomstotelijke kracht door iemand die mij overeind houdt.
Mijn adem heeft een uitweg gevonden met een stroom tranen in zijn kielzog. Er zijn áltijd mensen die niet oordelen, die begrip hebben en willen helpen. Er schuilen moeders en vaders in sommigen onder ons. Ze zijn er. Haast onzichtbaar en geluidloos, maar wel voor iedereen.