Angramar Temenos
Badass junkie
LSD, eerste keer
Waar: Feest in ruigoord
Wanneer: Dit weekend, zaterdag, +- 11 uur 's avonds
Met wie: Op een feest met veel mensen, vooral met Isabelle en haar vriendin Vera =)
Wat: LSD, 2 hoffmann's van ~80 uq elk.
Het begin
We komen eraan, en de LSD wordt opengemaakt uit de folie. Ik ben al helemaal nerveus voor mijn allereerste keer echt LSD; het moment is eindelijk daar, na me jaren afvragen over LSD, en de legendarische naam zo vaak gehoord te hebben maar niet durven, is het eindelijk zover. Vol verwachting kijk ik naar het kleine zegeltje (ik dacht dat ze flink wat groter zouden zijn :P ). Ik vraag nog nerveus hoe lang ik hem in m'n mond moet houden, en uiteindelijk stop ik hem op mijn tong.
De nervositeit verdwijnt meteen; De LSD zit in mij, en het gaat beginnen. Ik ga naar buiten, praat nog met wat cyber lui; Ze vragen me of ik LSD heb, ik steek m'n tong naar ze uit om ze de zegel te showen. Ze vragen me of ik nog wat heb, ik zeg van nee. Besluitend kijk een beetje rond, wachtend op de trip loop ik weg. Het zegeltje smelt in m'n mond, en ik besluit mee te gaan met een wandelingetje met A en V. Zo gezegd zo gedaan.
Langzaam voel ik iets opkomen, maar zoals altijd maak ik mezelf wijs dat het placebo is; Als ik niet extreem hard trip heb ik altijd het gevoel dat ik mezelf alleen maar aanpraat dat ik trip en de drugs niks doet; dat is natuurlijk niet zo, maar dat is mijn probleem met drugs altijd. Als ik terug kom besluit ik dat ik nog een zegel wil; Ik vraag om de tweede, en stop die ook in mijn mond. Precies als hij weg is, begint de eerste echt aan te slaan; Er komen lichte visuals, patroontjes in de grond (vooral stervormig, zoals ik altijd heb met trips. Ook gloeiende cirkeltjes ontstaan steeds meer.) Ik weet nu al dat ik hard zal gaan, en ik geniet er elk moment van.
Ik ga naar binnen in de kerk, me afvragend hoe het eruit zal zien onder de LSD; Helaas teleurgesteld; Het ziet er hetzelfde uit als eerder, juist nog helderder dan normaal en nog "Normaler", puurder en scherper. Er komt een momentje extreem paranoia dat de zegels eigenlijk speed in vermomming waren; 2 seconden later lach ik erom omdat ik merk dat het echt trippy gedachten zijn. Eenmaal binnen en gewend aan de scherpte raak ik al gauw aan de praat met wat mensen. Een meisje vind het fascinerend dat ik LSD op heb, en we gaan samen naar buiten.
We knuffelen een tijdje en ik vertel over mijn trip, ze luisterde gefascineerd naar alles. Ik vind het echt fijn om bij haar te zijn, het voelt heel vertrouwt vol positieve energie. Ze zegt dat ze hem zit te spacen op pilletjes. Als ik met min hand over haar ga ontstaan er op haar allemaal stervormige patroontjes. Ik vertel haar hierover, en ze vind het allemaal reuze interessant. Over ongeveer een kwartier gaat ze gaat weer naar binnen, ik besluit dat het me iets te druk is. We beloven mekaar dat we elkaar weer zien later.
Ik ga weer lopen, en ga naar een klein huisje waar er ook wordt gefeest en drank wordt geserveerd. Voor dat huisje is er een mooi kampvuur; Ik ga aan de bar zitten en raak in een raar, trippy gesprek met de barman. Uiteindelijk kijk ik naar de muur, en zie een krantenknipsel met "Albert Hoffman dood". Dit vind ik vreselijk; Hij is LSD, ik heb LSD in me, dus ik moet dan ook doodgaan, want LSD is dood. Gelukkig haal ik die gedachte weg; Ik heb helemaal geen zin om bad te gaan, het feest is te leuk en dus doe ik dat ook niet.
Ik ga weer naar buiten, en besluit dat ik weer het meisje wil zien. Alleen.. Ik kan haar niet vinden. Het wordt een queeste, een doel, een levensbehoefte om haar weer te vinden. Het alles is in het meisje, en als ik het meisje vind heb ik alles. Want het meisje zelf is alles!! Wanhopig begin ik te zoeken, overal, maar ik vind haar niet. Dit vind ik vreselijk; Ik mompel in mezelf, "Ik zoek maar ik vind niet" duizenden keren. Mijn gezichtsveld flikkert aan en uit; Het is alsof ik een film kijk, met ong. 1-2 frames per seconde.
Ik ben binnen, maar de drukheid komt op me af. Ik kan mezelf niet eens vinden, hoe kan ik haar vinden? Ik ga snel naar de WC, en een kale kerel komt naar binnen, pakt een buisje met wit poeder, en likt wat op. Ik wil vragen wat het is, want ik kan het niet zien door de visuals, maar ik krijg het niet uit mijn mond. Niks kan voor ik het alles-meisje heb gevonden. Ik vlucht naar buiten, wat een eeuwigheid lijkt te duren omdat ik niet meer vooruit kom (dat denk ik tenminste). Ik heb nog steeds de film-effect.
Als ik buiten ben, ga ik weer even naar A, V en D. Nadat ik ze kort mijn verhaal vertel, ga ik rondjes lopen, de hele tijd rondjes lopen, in hoop dat ik haar vind. Ik begin me echt zorgen te maken, dat ik nooit uit die trip kom behalve wanneer ik haar vind. Alles zit in het niks, en het meisje is het alles, en pas als ik weer het alles vind kan de wereld doorgaan want de wereld is zelf alles. Op gegeven moment geef ik het op en zit ik op een bankje; Ik heb alles opgegeven, en ik heb er vrede mee dat ik niemand ooit meer zal zien en alles waar ik van hield kwijt was. Ik zal altijd in een gestoorde, lege psychedelische wereld blijven, voor alle eeuwigheid, in een andere dimensie. Levend verslonden, nooit meer teruggevonden.. Op dat moment word ik aangesproken; Het is het meisje! Alles komt terug, en ik voel magie. Absolute, pure magie.
We gaan een beetje afgezonderd zitten, en ze zit op mijn schoot. Ik vertel haar mijn verhaal; Ze vindt het ongelovelijk lief en we blijven daar ongeveer een kwartier bij mekaar, ik had het gevoel dat ik lekker met haar wegsmolt en onze gedachten een werden
. Heel mooi! Vanaf dat moment ging de trip weer goed. Ze ging toen weer wat drinken, ik ging eventjes mee maar ik kon de drukte niet echt aan, dus toen ging ik weer weg.
Na nog een tijdje leip rondgelopen te hebben en met mensen te hebben gepraat loop ik langs het tweede kampvuur dat uit is. Het dode kampvuur lijkt opeens op honderden dode kinderen die op elkaar zijn gestapeld en wegrotten; Ik vind het wel cool dat ik zoiets kan zien. Ik ga NOOIT bad van visuals, alleen van zware mindfuck. Bij visuals denk ik altijd "Hé geweldig, deze trip gaat echt lekker hard". Hoe maffer en darker de visuals, hoe toffer ik het vind. Verdere visuals zijn niet bijster interessant; typische patronen in alles, gloeiende cirkeltjes en sterretjes.
Weer kom ik A en V tegen, en besluit met hen te praten. Het gesprek gaat over op magie en LSD; Ik besluit om eens te kijken wat ik met mijn magie kan. Ik kniel omlaag, vorm glyphs met mijn handen en besluit enorme hoeveelheden energie op te roepen uit de kosmos. Het lukt; In mijn hoofd komen er legers ondode, rottende wezens uit de grond, overal om me hen, overgeleverd aan mijn wil. Ik ben de dark archmage, de necromancer, ik heb de kracht van het kosmos! Maar als ik uit mijn concentratie van verdwijnen ze weer. Ik probeer het opnieuw, maar zie wat meisjes; In mijn gedachten zijn het barbiepoppen, en daarom lukt het me ook niet om ondoden aan te roepen; In plaats daarvan ontstaan er sterretjes op de grond. Ik vind het echt ongelooflijk melig. Een magiër die roze sterretjes oproept. Ik vertel dit aan A; Haar mening: dit is echt zo LSD.
Hierna besluiten we om een rondje te lopen op de Dijk. Ik zeg hallo tegen een grote kerel met een zonnebril en piercings, maar het is geen tripper/hippie; Echt de Sjonnie-aan-de-speed type, alhoewel ik een sterk vermoeden heb dat die Meth op had, of echt een onmenselijke hoop speed. Ik gok op meth. Hij flipt tegen me, WAT HEB JE GEZEGD?! Ik van "Laat maar, het spijt me.." en hij "Ja, JE LULT TEGEN ME, DAN ZUL JE HET NOG ZEGGEN OOK!". Ik loop snel weg, gelukkig loopen A en V ook mee, weer een rondje op de dijk. We vinden het echt enorm mooi, en in plaats van gewoon een rondje te lopen gaan we op de bank op de dijk zitten, kijken naar de stad over de rivier en wachten op de zonsopgang. Op dat moment hebben we de geniaalste gesprekken.
We snappen elkaar extreem goed; Op sommige momenten het idee dat er niks gezegd moet worden omdat we telepathisch elkaar snappen. De meest geniale uitspraak vond ik "Wij zijn het cliché van het heden, en zij zijn het cliché van het verleden". Ook "LSD heeft je de energie om alles te zijn" is een van deze wijsheden. Deze hebben (A) we opgeschreven. We blijven daar nog een tijdje, filosoferen en spacen, tot het al dag is en we teruglopen. De uitspraken kwamen van A, en werden ook door haar opgeschreven.
Terug bij het feestje zitten we nog een tijdje apart van andere mensen; Ik begin V om een of andere reden extreem "appelig" te vinden. Niet eens dat ik een visual heb dat ze een appel is, maar alles aan haar is extreem.. appelig. Ik blijf dit tegen haar zeggen, en ik denk dat ze me uiteindelijk echt irritant begon te vinden. Ik had het door en stopte ermee, maar toch heb ik daarmee de sfeer van haar een beetje negatief gemaakt. Daar voelde ik me echt lullig over.
Gelukkig beginnen we weer over een grappig onderwerk; Sjonnies en Anita's aan de coke, die met taxi's weggaan, ong. 5 minuten voor de eerste bussen komen. We komen erachter dat ze het een fout feestje maken (hier waren we al eerder achter, maar nu weer). De essentie van hun leven begrijpen we; Cocaïne en taxi's! We lachen er een beetje om.
Niet lang daarna ben ik weggegaan; Nog steeds half leip op de bus, terug naar huis met de trein. Heb twee keer de verkeerde trein gepakt; Op gegeven moment was ik in Maastricht, de andere kant op dan dat ik wou zijn... Toen ik weer thuis was zat ik nog 3 uur bij een vriend, om uit te leipen voor ik naar huis bij m'n ouders ging. Uiteindelijk ga ik naar huis, neem 12,5 mg oxezepam (benzo, kwartje 50 mg oxezepam) om rustig te worden en in te slapen. Ik slaap ongeveer 25 uur lang. The end. LSD, bedankt dat je me je magische wereld liet zien!
Waar: Feest in ruigoord
Wanneer: Dit weekend, zaterdag, +- 11 uur 's avonds
Met wie: Op een feest met veel mensen, vooral met Isabelle en haar vriendin Vera =)
Wat: LSD, 2 hoffmann's van ~80 uq elk.
Het begin
We komen eraan, en de LSD wordt opengemaakt uit de folie. Ik ben al helemaal nerveus voor mijn allereerste keer echt LSD; het moment is eindelijk daar, na me jaren afvragen over LSD, en de legendarische naam zo vaak gehoord te hebben maar niet durven, is het eindelijk zover. Vol verwachting kijk ik naar het kleine zegeltje (ik dacht dat ze flink wat groter zouden zijn :P ). Ik vraag nog nerveus hoe lang ik hem in m'n mond moet houden, en uiteindelijk stop ik hem op mijn tong.
De nervositeit verdwijnt meteen; De LSD zit in mij, en het gaat beginnen. Ik ga naar buiten, praat nog met wat cyber lui; Ze vragen me of ik LSD heb, ik steek m'n tong naar ze uit om ze de zegel te showen. Ze vragen me of ik nog wat heb, ik zeg van nee. Besluitend kijk een beetje rond, wachtend op de trip loop ik weg. Het zegeltje smelt in m'n mond, en ik besluit mee te gaan met een wandelingetje met A en V. Zo gezegd zo gedaan.
Langzaam voel ik iets opkomen, maar zoals altijd maak ik mezelf wijs dat het placebo is; Als ik niet extreem hard trip heb ik altijd het gevoel dat ik mezelf alleen maar aanpraat dat ik trip en de drugs niks doet; dat is natuurlijk niet zo, maar dat is mijn probleem met drugs altijd. Als ik terug kom besluit ik dat ik nog een zegel wil; Ik vraag om de tweede, en stop die ook in mijn mond. Precies als hij weg is, begint de eerste echt aan te slaan; Er komen lichte visuals, patroontjes in de grond (vooral stervormig, zoals ik altijd heb met trips. Ook gloeiende cirkeltjes ontstaan steeds meer.) Ik weet nu al dat ik hard zal gaan, en ik geniet er elk moment van.
Ik ga naar binnen in de kerk, me afvragend hoe het eruit zal zien onder de LSD; Helaas teleurgesteld; Het ziet er hetzelfde uit als eerder, juist nog helderder dan normaal en nog "Normaler", puurder en scherper. Er komt een momentje extreem paranoia dat de zegels eigenlijk speed in vermomming waren; 2 seconden later lach ik erom omdat ik merk dat het echt trippy gedachten zijn. Eenmaal binnen en gewend aan de scherpte raak ik al gauw aan de praat met wat mensen. Een meisje vind het fascinerend dat ik LSD op heb, en we gaan samen naar buiten.
We knuffelen een tijdje en ik vertel over mijn trip, ze luisterde gefascineerd naar alles. Ik vind het echt fijn om bij haar te zijn, het voelt heel vertrouwt vol positieve energie. Ze zegt dat ze hem zit te spacen op pilletjes. Als ik met min hand over haar ga ontstaan er op haar allemaal stervormige patroontjes. Ik vertel haar hierover, en ze vind het allemaal reuze interessant. Over ongeveer een kwartier gaat ze gaat weer naar binnen, ik besluit dat het me iets te druk is. We beloven mekaar dat we elkaar weer zien later.
Ik ga weer lopen, en ga naar een klein huisje waar er ook wordt gefeest en drank wordt geserveerd. Voor dat huisje is er een mooi kampvuur; Ik ga aan de bar zitten en raak in een raar, trippy gesprek met de barman. Uiteindelijk kijk ik naar de muur, en zie een krantenknipsel met "Albert Hoffman dood". Dit vind ik vreselijk; Hij is LSD, ik heb LSD in me, dus ik moet dan ook doodgaan, want LSD is dood. Gelukkig haal ik die gedachte weg; Ik heb helemaal geen zin om bad te gaan, het feest is te leuk en dus doe ik dat ook niet.
Ik ga weer naar buiten, en besluit dat ik weer het meisje wil zien. Alleen.. Ik kan haar niet vinden. Het wordt een queeste, een doel, een levensbehoefte om haar weer te vinden. Het alles is in het meisje, en als ik het meisje vind heb ik alles. Want het meisje zelf is alles!! Wanhopig begin ik te zoeken, overal, maar ik vind haar niet. Dit vind ik vreselijk; Ik mompel in mezelf, "Ik zoek maar ik vind niet" duizenden keren. Mijn gezichtsveld flikkert aan en uit; Het is alsof ik een film kijk, met ong. 1-2 frames per seconde.
Ik ben binnen, maar de drukheid komt op me af. Ik kan mezelf niet eens vinden, hoe kan ik haar vinden? Ik ga snel naar de WC, en een kale kerel komt naar binnen, pakt een buisje met wit poeder, en likt wat op. Ik wil vragen wat het is, want ik kan het niet zien door de visuals, maar ik krijg het niet uit mijn mond. Niks kan voor ik het alles-meisje heb gevonden. Ik vlucht naar buiten, wat een eeuwigheid lijkt te duren omdat ik niet meer vooruit kom (dat denk ik tenminste). Ik heb nog steeds de film-effect.
Als ik buiten ben, ga ik weer even naar A, V en D. Nadat ik ze kort mijn verhaal vertel, ga ik rondjes lopen, de hele tijd rondjes lopen, in hoop dat ik haar vind. Ik begin me echt zorgen te maken, dat ik nooit uit die trip kom behalve wanneer ik haar vind. Alles zit in het niks, en het meisje is het alles, en pas als ik weer het alles vind kan de wereld doorgaan want de wereld is zelf alles. Op gegeven moment geef ik het op en zit ik op een bankje; Ik heb alles opgegeven, en ik heb er vrede mee dat ik niemand ooit meer zal zien en alles waar ik van hield kwijt was. Ik zal altijd in een gestoorde, lege psychedelische wereld blijven, voor alle eeuwigheid, in een andere dimensie. Levend verslonden, nooit meer teruggevonden.. Op dat moment word ik aangesproken; Het is het meisje! Alles komt terug, en ik voel magie. Absolute, pure magie.
We gaan een beetje afgezonderd zitten, en ze zit op mijn schoot. Ik vertel haar mijn verhaal; Ze vindt het ongelovelijk lief en we blijven daar ongeveer een kwartier bij mekaar, ik had het gevoel dat ik lekker met haar wegsmolt en onze gedachten een werden
Na nog een tijdje leip rondgelopen te hebben en met mensen te hebben gepraat loop ik langs het tweede kampvuur dat uit is. Het dode kampvuur lijkt opeens op honderden dode kinderen die op elkaar zijn gestapeld en wegrotten; Ik vind het wel cool dat ik zoiets kan zien. Ik ga NOOIT bad van visuals, alleen van zware mindfuck. Bij visuals denk ik altijd "Hé geweldig, deze trip gaat echt lekker hard". Hoe maffer en darker de visuals, hoe toffer ik het vind. Verdere visuals zijn niet bijster interessant; typische patronen in alles, gloeiende cirkeltjes en sterretjes.
Weer kom ik A en V tegen, en besluit met hen te praten. Het gesprek gaat over op magie en LSD; Ik besluit om eens te kijken wat ik met mijn magie kan. Ik kniel omlaag, vorm glyphs met mijn handen en besluit enorme hoeveelheden energie op te roepen uit de kosmos. Het lukt; In mijn hoofd komen er legers ondode, rottende wezens uit de grond, overal om me hen, overgeleverd aan mijn wil. Ik ben de dark archmage, de necromancer, ik heb de kracht van het kosmos! Maar als ik uit mijn concentratie van verdwijnen ze weer. Ik probeer het opnieuw, maar zie wat meisjes; In mijn gedachten zijn het barbiepoppen, en daarom lukt het me ook niet om ondoden aan te roepen; In plaats daarvan ontstaan er sterretjes op de grond. Ik vind het echt ongelooflijk melig. Een magiër die roze sterretjes oproept. Ik vertel dit aan A; Haar mening: dit is echt zo LSD.
Hierna besluiten we om een rondje te lopen op de Dijk. Ik zeg hallo tegen een grote kerel met een zonnebril en piercings, maar het is geen tripper/hippie; Echt de Sjonnie-aan-de-speed type, alhoewel ik een sterk vermoeden heb dat die Meth op had, of echt een onmenselijke hoop speed. Ik gok op meth. Hij flipt tegen me, WAT HEB JE GEZEGD?! Ik van "Laat maar, het spijt me.." en hij "Ja, JE LULT TEGEN ME, DAN ZUL JE HET NOG ZEGGEN OOK!". Ik loop snel weg, gelukkig loopen A en V ook mee, weer een rondje op de dijk. We vinden het echt enorm mooi, en in plaats van gewoon een rondje te lopen gaan we op de bank op de dijk zitten, kijken naar de stad over de rivier en wachten op de zonsopgang. Op dat moment hebben we de geniaalste gesprekken.
We snappen elkaar extreem goed; Op sommige momenten het idee dat er niks gezegd moet worden omdat we telepathisch elkaar snappen. De meest geniale uitspraak vond ik "Wij zijn het cliché van het heden, en zij zijn het cliché van het verleden". Ook "LSD heeft je de energie om alles te zijn" is een van deze wijsheden. Deze hebben (A) we opgeschreven. We blijven daar nog een tijdje, filosoferen en spacen, tot het al dag is en we teruglopen. De uitspraken kwamen van A, en werden ook door haar opgeschreven.
Terug bij het feestje zitten we nog een tijdje apart van andere mensen; Ik begin V om een of andere reden extreem "appelig" te vinden. Niet eens dat ik een visual heb dat ze een appel is, maar alles aan haar is extreem.. appelig. Ik blijf dit tegen haar zeggen, en ik denk dat ze me uiteindelijk echt irritant begon te vinden. Ik had het door en stopte ermee, maar toch heb ik daarmee de sfeer van haar een beetje negatief gemaakt. Daar voelde ik me echt lullig over.
Gelukkig beginnen we weer over een grappig onderwerk; Sjonnies en Anita's aan de coke, die met taxi's weggaan, ong. 5 minuten voor de eerste bussen komen. We komen erachter dat ze het een fout feestje maken (hier waren we al eerder achter, maar nu weer). De essentie van hun leven begrijpen we; Cocaïne en taxi's! We lachen er een beetje om.
Niet lang daarna ben ik weggegaan; Nog steeds half leip op de bus, terug naar huis met de trein. Heb twee keer de verkeerde trein gepakt; Op gegeven moment was ik in Maastricht, de andere kant op dan dat ik wou zijn... Toen ik weer thuis was zat ik nog 3 uur bij een vriend, om uit te leipen voor ik naar huis bij m'n ouders ging. Uiteindelijk ga ik naar huis, neem 12,5 mg oxezepam (benzo, kwartje 50 mg oxezepam) om rustig te worden en in te slapen. Ik slaap ongeveer 25 uur lang. The end. LSD, bedankt dat je me je magische wereld liet zien!