Set: good enough, beetje drukke dag gehad
Setting: relaxed
Wie: vrouw 37 jaar 64 kilo
Wat: 15 gram tampenensis truffel, de avond ervoor had ik ook Citalopram 20 mg gehad
Doel: een solotrip tbv mijn herstel na een depressieve periode
16:45
Ik kauw langzaam de truffels.
17:00
Ik zie al dat de trip begint te werken en ik heb nog niet alle truffels op.
17.30
De tijd blijft hangen op half 6. Het is eeuwig lang half 6. Ik zit er lekker in.
De trip begint met het gevoel alsof ik een grote beer ben. Een grote lieve knuffelbeer, waar je altijd bij terecht kan en die soms wel eens een keertje kan brommen, maar nooit voor lang. Ik voel me ook rijk. Ik loop door mijn huis die er sprankelend uitziet en ik voel mijn rijkdom. Niet in materiële zin, meer in gewoon alles wat er in mijn leven is. Vooral alle schoonheid en liefde. Ik kijk naar een lichtroze roos die bijna gaat verwelken. De gelige plekjes op een aantal bloemblaadjes kleuren in mijn trip goud. Prachtig. Ik ruik er even aan en voel me meteen high (nog nooit high geweest, maar ik denk dat het ongeveer zo moet voelen). Ik druk mijn neus nog dieper in het aller binnenste van de roos en ik voel me higher en higher. Ik kan er geen genoeg van krijgen. Ik speel met de bloemblaadjes, trek ze een beetje uit elkaar zodat ik de zijdezachte structuur goed tot me kan nemen en de aroma’s nog meer tot zijn recht kan laten komen. Wanneer ik zie dat de roos daar een beetje onder lijdt, laat ik haar met rust. De stevigheid van de steel raakt me. Daarom zijn rozen zo mooi, denk ik, omdat ze zo ontiegelijk sterk zijn.
Ik heb echt geluk, want na een lange grauwe dag schijnt er plotseling een heel leuk avond zonnetje. Ik ga naar buiten en ik begrijp er niets van dat ineens alle wolken verdwenen zijn. Ik kan de zon simpelweg niet weerstaan en installeer mezelf recht voor de zon in een loungestoel en zie met ogen dicht allerlei schitterende CEV's. Heel symmetrisch en caleidoscopisch, valt mij op. De zon is de baas, besluit ik. De zon bepaalt het ritme van alles en iedereen.
Het valt me op hoe gevoelig ik ineens ben voor zintuiglijke waarnemingen, met name geluid. Ik schiet omhoog als iemand de autodeur hard dicht gooit. Ik heb voor mijn gevoel de hele tijd tinnitus maar dat blijken de hoge pieptonen te zijn die vanuit het station komen. Ik kan vanuit de tuin het zoemende geluid van de luchtontvochtiger in de kelder horen, ondanks dat de muren geïsoleerd zijn en er dubbelglas in zit. Als er een auto voorbij rijdt of iemand voorbij loopt met een rolkoffer, dan is dit geluid ook waarneembaar met ogen dicht. Het verloop van de vormen en kleuren gaan snel en heftig in elkaar over wanneer het geluid erg dichtbij is en vertragen/ nemen af zodra het geluid opgaat in al de andere geluiden. Wanneer ik mannen voorbij mijn huis hoor wandelen, merk ik erotische nieuwsgierigheid in me op waar ik me direct aan erger. Ik ben er zo klaar mee dat ik steeds maar weer seksuele opwinding ervaar bij drugsgebruik, dus ik probeer me daar heel bewust voor af te sluiten. Ondanks dat de geluiden van de stad (waar ik normaliter niet gevoelig voor ben) mijn trip op een negatieve manier beïnvloedt, weerhoudt het me er niet van om toch lekker in mijn tuin te blijven zitten.
Af en toe ga ik terug naar binnen om te kijken hoe laat het is en om te controleren waar ergens ik in de trip zit en of ik misschien nog wat bij moet nemen. Rond 19.30u kwam ik na een moeizaam rekensommetje tot de conclusie dat het inmiddels geen zin meer heeft om bij te pakken en dat dat eigenlijk ook helemaal niet nodig is. Hopelijk ga ik de volgende trip niet zo de tijd checken steeds. Ik vermoed dat ik dat deed omdat ik me toch wel kwetsbaar voelde. Niemand wist van mijn trip af. Ik had geen tripsitter. Ik vind dat onder de streep toch fijner zo.
Bijna de gehele trip besteed ik dus in mijn achtertuin. Ik neem een vergrootglas van mijn kinderen mee naar buiten en bestudeer mieren, spinnen, kevers en andere insecten. Fascinerend vind ik ze. Ik merk dat ik soms vergeet te ademen, zo erg word ik door ze in beslag genomen. Als ik me focus op één mier, zie ik ze plotseling állemaal in één oogopslag. Ik zie ze samenwerken en ik vind het heerlijk om er naar te kijken. Ik raak betoverd door een spin in een web waarvan ik niet met zekerheid kan zeggen of hij nog leeft en tik er even tegen. Daarop schiet hij meteen naar het gras. Ik ben hem kwijt en wil hem koste wat kost vinden. Wanneer ik hem weer zie, tik er weer tegen en hij schiet omhoog, terug in zijn plekje in zijn web. Zo mooi. Op dat moment voel ik me trots dat mijn kinderen zo jong zijn en alles in de wereld nog mogen ontdekken naar hun eigen interesses. En volwassenen die zeggen dat je insecten niet mag “plagen” begrijpen kleuters gewoon niet. Ze plagen niet, ze zijn gewoon jonge onderzoekers. Prachtig toch? Niet zo flauw daarmee doen, vind ik.
Af en toe loop ik naar binnen en dan voel ik me steeds weer opnieuw overweldigd door de sereniteit die er binnen voelbaar is. Het is bijna alsof ik een rol speel in een film die over iemand anders gaat. (Achteraf gezien denk ik dat dit door de muziek kwam. Ik had een random happy happy joy joy chill trip playlist opgezet.) Ik neem een glaasje water en zie dat het eikenhouten aanrecht mij van alles aan het vertellen is in bewegende vormen en nerven. Ik zie vrouwen, Azteekse figuren, bloemen uitklappen en caleidoscopen. De muziek heeft invloed op de verschijnselen in het hout. Ik hou het aanrecht vast en blijf ernaar kijken tot het liedje voorbij is, met mijn voorhoofd leunend tegen het keukenkastje. Alsof ik een soort houvast probeer te zoeken, om er niet helemaal in op te gaan. Ik heb al vaker synesthesie-ervaringen in die vorm meegemaakt, het blijft fijn.
Plotseling lonkt de knikkerbaan van de kinderen naar me. Ik ga er gewoon in mee. Ik druk op de knopjes. Het ding begint te draaien, geluidjes te maken en knippert met verschillende kleuren lampjes. Ik doe een knikker in het draaiende rad, zie hoe die naar beneden rolt en eindigt in een kanon. Huh? Oh nu is het opeens aan mij. Ik moet de knikker in het doel zien te mikken door met precies de juiste kracht tegen het wippertje te drukken. De eerste keer veeeeeelste slapjes. Tweede keer zat ie al bijna, waar ik met een iets te kinderlijke vreugdekreet op reageer en ik ben me direct bewust van mijn buren. De derde keer raakt de knikker zoek. Waar zijn godsamme al die andere knikkers dan? En op dat moment raak ik volledig ontroerd.
Ik bedenk me dat mijn jongste nog maar één speentje over heeft. En hoe verschrikkelijk het is om van iets heel dierbaars maar één te hebben. Ik moet plotseling zo huilen. Mijn dochtertje weet dat ze afscheid moet gaan nemen van dat kleine belangrijke dingetje van haar. Dat stukje plastic dat haar doet haar voelen dat ze nog klein mag zijn. En het is zo belangrijk voor iedereen dat je mag voelen dat je nog steeds klein mag zijn. Dat die moeders schoot om op te huilen nog steeds blijft, hoe oud je ook bent. En toen moest ik ook even huilen om mezelf. Vanwege het gebrek aan moeders schoot, al van jongs af aan.
Op dat moment realiseer ik me ook dat ik niet in gebreken moet denken, maar in mogelijkheden. Als ik binnen blijf, dan ontneem ik mezelf alle andere prikkels die ik anders óók tot me had kunnen nemen. Ik hou mezelf arm, terwijl ik mezelf juist wil verrijken. Dus ik moet dan niet binnen blijven, maar eropuit gaan. Wie weet wat er daar gebeurt.
Ik ga naar buiten en laat me in het gras vallen. Het voelt alsof ik huil op het tapijt van moeder natuur en dat volstaat wat mij betreft. Daar put ik voldoende troost uit. Dat gras, dat blijft altijd. Maar, begrijp ik ook, dat komt omdat ik er zo goed voor zorg. Dat besef versterkt mij.
Ik moet plassen en op de wc vraag ik me af hoe het is om een 21 jarige jongeman te zijn, in de bloei van zijn leven. Een sterk lichaam, een lichaam dat nog niet weet hoeveel sterker het worden kan. Al die mogelijkheden. Ik zou dolgraag voor een dag een jongeman van 21 willen zijn, als 37 jarige vrouw. Ik kijk naar mezelf in de spiegel en mijn huid zit vol met vlekjes. Ik snap meteen hoe dat komt: mijn trui heeft ook vlekjes. Rare shit die truffels. Mijn halflange lokken zijn wel weer sprankelend goud en heerlijk om mee te spelen, zoals bij elke trip tot zover.
Ik lig weer in het gras en bewonder mijn huis. Het is een oud huis en mijn vriend heeft het als 21 jarige jongeman nieuw leven ingeblazen. En hoe! Dat huis is zeker drie keer meer waard sinds hij erin woont. Het huis ademt mijn vriend of andersom. Ik weet het even niet. Ze zijn zo met elkaar verbonden. Als mijn vriend er niet meer is, dan is dat huis er nog. Zonder dat huis had ik me nu niet zo rijk gevoeld. Zonder zijn inspanningen waren al die dingen niet gelukt. Ik voel ineens zoveel ontzag voor hem en alles wat hij op heel jonge leeftijd al bekokstoofd heeft.
Het begint donker te worden, maar ik wil eigenlijk nog niet naar binnen, want dat betekent dat ik afscheid moet nemen van een prachtige dag. Ik doe dit dan ook heel bewust. Ik aai over planten, knuffel het gras, kijk naar de perenboom die plots zoveel kracht als een ram uitstraalt, ik ruik de Chrysanten. Jeeeeemig wat een geur die Chrysanten. Heerlijk!! Ik wist dat helemaal niet. Ik ruik de zonnebloem en verwacht er weinig van, maar ook erg heerlijk! Ik onderzoek de verschillen in geur tussen de twee bloemsoorten en raak overweldigd. Het heeft ongeveer hetzelfde effect op me als een shotje alcohol. Duizelingwekkend! Dan zie ik plotseling achter de keukenramen prachtige bloemen in een vaasje staan en ik schrik. Ik voel een overeenkomst tussen mijzelf en een vriend van me die zijn vrouw (ook een vriendin van me) onlangs heeft laten gaan, omdat hij onder de rokken van andere vrouwen wil kijken, zoals ik me nu ook laat verleiden door de pracht van al die bloemen. Ik begrijp ineens zijn nieuwsgierigheid, maar ik voel intense verdriet voor de prachtige bloemen die binnen staan en die absoluut niet ondergewaardeerd moeten worden. Dan neem ik afscheid van mijn tuin en knuffel de bloemen die binnen in de keuken staan.
Nu zo in het donker is het moment om het huis knus en gezellig te maken. Als de avond valt en de zon niet langer de baas is, dan is de muziek de baas, vind ik. Het is inmiddels 20.30u en ik heb berenhonger. Ik heb al vanaf 11.30 niets meer gegeten. Ik verschuif wat meubels totdat ik vind dat het gezellig is, schenk een glaasje Port in, laat de sfeerlampjes hun werk doen, steek wat kaarsjes aan en bak een restje ravioli pesto in een koekenpan. Het voelt zo heerlijk ontspannen allemaal. Het is werkelijk een genot om te eten. Fantastische smaak! Daarna versier ik nog een bord met honingmeloen, dadels en noten. Ik ben op dat moment erg tevreden over mijn rol als moeder die zorgt dat de mondjes goed gevuld worden. Liefde gaat deels ook door de maag. Het is gewoon zo. Zo smaakt mijn eten op dat moment. Naar liefde.
Ik weet de exacte tijd niet meer, maar ik geloof dat ik rond een uurtje of 21.30u wat appjes beantwoord, dus de trip neemt af. Maar ik ga ook ongelooflijk stuk op bloopers van Friends. Ik heb zelfs een paar keer in mijn broek geplast van het lachen, dus in vlagen zat ik er nog absoluut in. Plotseling hoef ik niet meer zo hard te lachen en weet ik dat mijn trip tot zijn eind is gekomen. Voldaan, maar ook met koppijn ga ik naar bed, waar ik niet meteen in slaap val. Ik heb altijd hoofdpijn na een psychedelische trip.
Over 2 weken begin ik met microdosing. Ben benieuwd of dat een positieve invloed op mijn herstel gaat brengen.
Setting: relaxed
Wie: vrouw 37 jaar 64 kilo
Wat: 15 gram tampenensis truffel, de avond ervoor had ik ook Citalopram 20 mg gehad
Doel: een solotrip tbv mijn herstel na een depressieve periode
16:45
Ik kauw langzaam de truffels.
17:00
Ik zie al dat de trip begint te werken en ik heb nog niet alle truffels op.
17.30
De tijd blijft hangen op half 6. Het is eeuwig lang half 6. Ik zit er lekker in.
De trip begint met het gevoel alsof ik een grote beer ben. Een grote lieve knuffelbeer, waar je altijd bij terecht kan en die soms wel eens een keertje kan brommen, maar nooit voor lang. Ik voel me ook rijk. Ik loop door mijn huis die er sprankelend uitziet en ik voel mijn rijkdom. Niet in materiële zin, meer in gewoon alles wat er in mijn leven is. Vooral alle schoonheid en liefde. Ik kijk naar een lichtroze roos die bijna gaat verwelken. De gelige plekjes op een aantal bloemblaadjes kleuren in mijn trip goud. Prachtig. Ik ruik er even aan en voel me meteen high (nog nooit high geweest, maar ik denk dat het ongeveer zo moet voelen). Ik druk mijn neus nog dieper in het aller binnenste van de roos en ik voel me higher en higher. Ik kan er geen genoeg van krijgen. Ik speel met de bloemblaadjes, trek ze een beetje uit elkaar zodat ik de zijdezachte structuur goed tot me kan nemen en de aroma’s nog meer tot zijn recht kan laten komen. Wanneer ik zie dat de roos daar een beetje onder lijdt, laat ik haar met rust. De stevigheid van de steel raakt me. Daarom zijn rozen zo mooi, denk ik, omdat ze zo ontiegelijk sterk zijn.
Ik heb echt geluk, want na een lange grauwe dag schijnt er plotseling een heel leuk avond zonnetje. Ik ga naar buiten en ik begrijp er niets van dat ineens alle wolken verdwenen zijn. Ik kan de zon simpelweg niet weerstaan en installeer mezelf recht voor de zon in een loungestoel en zie met ogen dicht allerlei schitterende CEV's. Heel symmetrisch en caleidoscopisch, valt mij op. De zon is de baas, besluit ik. De zon bepaalt het ritme van alles en iedereen.
Het valt me op hoe gevoelig ik ineens ben voor zintuiglijke waarnemingen, met name geluid. Ik schiet omhoog als iemand de autodeur hard dicht gooit. Ik heb voor mijn gevoel de hele tijd tinnitus maar dat blijken de hoge pieptonen te zijn die vanuit het station komen. Ik kan vanuit de tuin het zoemende geluid van de luchtontvochtiger in de kelder horen, ondanks dat de muren geïsoleerd zijn en er dubbelglas in zit. Als er een auto voorbij rijdt of iemand voorbij loopt met een rolkoffer, dan is dit geluid ook waarneembaar met ogen dicht. Het verloop van de vormen en kleuren gaan snel en heftig in elkaar over wanneer het geluid erg dichtbij is en vertragen/ nemen af zodra het geluid opgaat in al de andere geluiden. Wanneer ik mannen voorbij mijn huis hoor wandelen, merk ik erotische nieuwsgierigheid in me op waar ik me direct aan erger. Ik ben er zo klaar mee dat ik steeds maar weer seksuele opwinding ervaar bij drugsgebruik, dus ik probeer me daar heel bewust voor af te sluiten. Ondanks dat de geluiden van de stad (waar ik normaliter niet gevoelig voor ben) mijn trip op een negatieve manier beïnvloedt, weerhoudt het me er niet van om toch lekker in mijn tuin te blijven zitten.
Af en toe ga ik terug naar binnen om te kijken hoe laat het is en om te controleren waar ergens ik in de trip zit en of ik misschien nog wat bij moet nemen. Rond 19.30u kwam ik na een moeizaam rekensommetje tot de conclusie dat het inmiddels geen zin meer heeft om bij te pakken en dat dat eigenlijk ook helemaal niet nodig is. Hopelijk ga ik de volgende trip niet zo de tijd checken steeds. Ik vermoed dat ik dat deed omdat ik me toch wel kwetsbaar voelde. Niemand wist van mijn trip af. Ik had geen tripsitter. Ik vind dat onder de streep toch fijner zo.
Bijna de gehele trip besteed ik dus in mijn achtertuin. Ik neem een vergrootglas van mijn kinderen mee naar buiten en bestudeer mieren, spinnen, kevers en andere insecten. Fascinerend vind ik ze. Ik merk dat ik soms vergeet te ademen, zo erg word ik door ze in beslag genomen. Als ik me focus op één mier, zie ik ze plotseling állemaal in één oogopslag. Ik zie ze samenwerken en ik vind het heerlijk om er naar te kijken. Ik raak betoverd door een spin in een web waarvan ik niet met zekerheid kan zeggen of hij nog leeft en tik er even tegen. Daarop schiet hij meteen naar het gras. Ik ben hem kwijt en wil hem koste wat kost vinden. Wanneer ik hem weer zie, tik er weer tegen en hij schiet omhoog, terug in zijn plekje in zijn web. Zo mooi. Op dat moment voel ik me trots dat mijn kinderen zo jong zijn en alles in de wereld nog mogen ontdekken naar hun eigen interesses. En volwassenen die zeggen dat je insecten niet mag “plagen” begrijpen kleuters gewoon niet. Ze plagen niet, ze zijn gewoon jonge onderzoekers. Prachtig toch? Niet zo flauw daarmee doen, vind ik.
Af en toe loop ik naar binnen en dan voel ik me steeds weer opnieuw overweldigd door de sereniteit die er binnen voelbaar is. Het is bijna alsof ik een rol speel in een film die over iemand anders gaat. (Achteraf gezien denk ik dat dit door de muziek kwam. Ik had een random happy happy joy joy chill trip playlist opgezet.) Ik neem een glaasje water en zie dat het eikenhouten aanrecht mij van alles aan het vertellen is in bewegende vormen en nerven. Ik zie vrouwen, Azteekse figuren, bloemen uitklappen en caleidoscopen. De muziek heeft invloed op de verschijnselen in het hout. Ik hou het aanrecht vast en blijf ernaar kijken tot het liedje voorbij is, met mijn voorhoofd leunend tegen het keukenkastje. Alsof ik een soort houvast probeer te zoeken, om er niet helemaal in op te gaan. Ik heb al vaker synesthesie-ervaringen in die vorm meegemaakt, het blijft fijn.
Plotseling lonkt de knikkerbaan van de kinderen naar me. Ik ga er gewoon in mee. Ik druk op de knopjes. Het ding begint te draaien, geluidjes te maken en knippert met verschillende kleuren lampjes. Ik doe een knikker in het draaiende rad, zie hoe die naar beneden rolt en eindigt in een kanon. Huh? Oh nu is het opeens aan mij. Ik moet de knikker in het doel zien te mikken door met precies de juiste kracht tegen het wippertje te drukken. De eerste keer veeeeeelste slapjes. Tweede keer zat ie al bijna, waar ik met een iets te kinderlijke vreugdekreet op reageer en ik ben me direct bewust van mijn buren. De derde keer raakt de knikker zoek. Waar zijn godsamme al die andere knikkers dan? En op dat moment raak ik volledig ontroerd.
Ik bedenk me dat mijn jongste nog maar één speentje over heeft. En hoe verschrikkelijk het is om van iets heel dierbaars maar één te hebben. Ik moet plotseling zo huilen. Mijn dochtertje weet dat ze afscheid moet gaan nemen van dat kleine belangrijke dingetje van haar. Dat stukje plastic dat haar doet haar voelen dat ze nog klein mag zijn. En het is zo belangrijk voor iedereen dat je mag voelen dat je nog steeds klein mag zijn. Dat die moeders schoot om op te huilen nog steeds blijft, hoe oud je ook bent. En toen moest ik ook even huilen om mezelf. Vanwege het gebrek aan moeders schoot, al van jongs af aan.
Op dat moment realiseer ik me ook dat ik niet in gebreken moet denken, maar in mogelijkheden. Als ik binnen blijf, dan ontneem ik mezelf alle andere prikkels die ik anders óók tot me had kunnen nemen. Ik hou mezelf arm, terwijl ik mezelf juist wil verrijken. Dus ik moet dan niet binnen blijven, maar eropuit gaan. Wie weet wat er daar gebeurt.
Ik ga naar buiten en laat me in het gras vallen. Het voelt alsof ik huil op het tapijt van moeder natuur en dat volstaat wat mij betreft. Daar put ik voldoende troost uit. Dat gras, dat blijft altijd. Maar, begrijp ik ook, dat komt omdat ik er zo goed voor zorg. Dat besef versterkt mij.
Ik moet plassen en op de wc vraag ik me af hoe het is om een 21 jarige jongeman te zijn, in de bloei van zijn leven. Een sterk lichaam, een lichaam dat nog niet weet hoeveel sterker het worden kan. Al die mogelijkheden. Ik zou dolgraag voor een dag een jongeman van 21 willen zijn, als 37 jarige vrouw. Ik kijk naar mezelf in de spiegel en mijn huid zit vol met vlekjes. Ik snap meteen hoe dat komt: mijn trui heeft ook vlekjes. Rare shit die truffels. Mijn halflange lokken zijn wel weer sprankelend goud en heerlijk om mee te spelen, zoals bij elke trip tot zover.
Ik lig weer in het gras en bewonder mijn huis. Het is een oud huis en mijn vriend heeft het als 21 jarige jongeman nieuw leven ingeblazen. En hoe! Dat huis is zeker drie keer meer waard sinds hij erin woont. Het huis ademt mijn vriend of andersom. Ik weet het even niet. Ze zijn zo met elkaar verbonden. Als mijn vriend er niet meer is, dan is dat huis er nog. Zonder dat huis had ik me nu niet zo rijk gevoeld. Zonder zijn inspanningen waren al die dingen niet gelukt. Ik voel ineens zoveel ontzag voor hem en alles wat hij op heel jonge leeftijd al bekokstoofd heeft.
Het begint donker te worden, maar ik wil eigenlijk nog niet naar binnen, want dat betekent dat ik afscheid moet nemen van een prachtige dag. Ik doe dit dan ook heel bewust. Ik aai over planten, knuffel het gras, kijk naar de perenboom die plots zoveel kracht als een ram uitstraalt, ik ruik de Chrysanten. Jeeeeemig wat een geur die Chrysanten. Heerlijk!! Ik wist dat helemaal niet. Ik ruik de zonnebloem en verwacht er weinig van, maar ook erg heerlijk! Ik onderzoek de verschillen in geur tussen de twee bloemsoorten en raak overweldigd. Het heeft ongeveer hetzelfde effect op me als een shotje alcohol. Duizelingwekkend! Dan zie ik plotseling achter de keukenramen prachtige bloemen in een vaasje staan en ik schrik. Ik voel een overeenkomst tussen mijzelf en een vriend van me die zijn vrouw (ook een vriendin van me) onlangs heeft laten gaan, omdat hij onder de rokken van andere vrouwen wil kijken, zoals ik me nu ook laat verleiden door de pracht van al die bloemen. Ik begrijp ineens zijn nieuwsgierigheid, maar ik voel intense verdriet voor de prachtige bloemen die binnen staan en die absoluut niet ondergewaardeerd moeten worden. Dan neem ik afscheid van mijn tuin en knuffel de bloemen die binnen in de keuken staan.
Nu zo in het donker is het moment om het huis knus en gezellig te maken. Als de avond valt en de zon niet langer de baas is, dan is de muziek de baas, vind ik. Het is inmiddels 20.30u en ik heb berenhonger. Ik heb al vanaf 11.30 niets meer gegeten. Ik verschuif wat meubels totdat ik vind dat het gezellig is, schenk een glaasje Port in, laat de sfeerlampjes hun werk doen, steek wat kaarsjes aan en bak een restje ravioli pesto in een koekenpan. Het voelt zo heerlijk ontspannen allemaal. Het is werkelijk een genot om te eten. Fantastische smaak! Daarna versier ik nog een bord met honingmeloen, dadels en noten. Ik ben op dat moment erg tevreden over mijn rol als moeder die zorgt dat de mondjes goed gevuld worden. Liefde gaat deels ook door de maag. Het is gewoon zo. Zo smaakt mijn eten op dat moment. Naar liefde.
Ik weet de exacte tijd niet meer, maar ik geloof dat ik rond een uurtje of 21.30u wat appjes beantwoord, dus de trip neemt af. Maar ik ga ook ongelooflijk stuk op bloopers van Friends. Ik heb zelfs een paar keer in mijn broek geplast van het lachen, dus in vlagen zat ik er nog absoluut in. Plotseling hoef ik niet meer zo hard te lachen en weet ik dat mijn trip tot zijn eind is gekomen. Voldaan, maar ook met koppijn ga ik naar bed, waar ik niet meteen in slaap val. Ik heb altijd hoofdpijn na een psychedelische trip.
Over 2 weken begin ik met microdosing. Ben benieuwd of dat een positieve invloed op mijn herstel gaat brengen.