Timmie94
Bewuste gebruiker
LSD; Through heaven and hell
Het was zaterdagnacht 15 augustus. Eindelijk was het zover, mijn eerste echte LSD trip zat er aan te komen. Ik ging dit doen samen met twee vriendinnen van mij J en M. Ieder van ons had al eerdere trip ervaringen met truffels opgedaan. Ikzelf had al drie keer eerder lsd genomen, maar dan in lage dossisen. (70/40/40ug) Dit maal gingen we voor het echte werk. We wilden niet dat het tegenviel dus besloten om 130ug te nemen. Tegenvallen deed het zeker niet en tegelijkertijd was het de grootste tegenvaller ooit.
Tijden zijn schattingen, ik heb wel een notitie boekje er bij gehouden voor enige leidraad.
Rond de klok van 0100 leggen wij de acid onder onze tong. We wachten in spanning af, benieuwd hoeveel heftiger dit gaat zijn dan truffels. Benieuwd wat voor visuals we te zien krijgen. Zouden alle kleuren in elkaar morhpen? Ga ik synesthesie ervaren? Hoe voelt dit dan aan. Vol met gezonde spanningen wachten we af.
1:35 we hebben lift off, de eerste kenmerken beginnen op te komen. J voelt het als eerste opkomen, ze zegt dat ze mn tapijt ziet golven, alsof alle stof als een soort van wormen bewegen. Iets later merk ik het ook, de tv lijkt groter en kleiner te worden, het begint. M en ik kunnen niks anders doen dan lachen, ik krijg na een kwartier enorme pijn aan mn kaken van het lachen maar het maakt me niet uit. Dit is geweldig leuk. M en ik beginnen ook te dansen in mijn woonkamer, ik wil meer dansruimte dus ik haal mn was af. J en M vinden het enorm grappig dat ik nu mn was doe. Ik wil gewoon meer dansruimte. Eenmaal klaar met de was heb ik eindelijk de ruimte, ik heb zo’n 12/15m2 aan open ruimte om te dansen. Ik sta rondjes te draaien met mijn ogen dicht, mijn armen zwaaien heen en weer. Hé als ik naar mijn armen kijk, dan lijkt het alsof ik ze erna ook nog zie. Wanneer je je hand zwaait, zie je een paar handen erachteraan wazen. We gaan naar de keuken en moeten enorm lachen om mijn specerijen rek. Tering wat is het grappig dat dat maar staat. De visuals blijven intenser worden. M eet een druif, maar met het stokje er nog aan dus het prikt in haar keel. We moeten keihard lachen dat dit gebeurt. Ik had een verse fruitsalade gemaakt met bramen,frambozen, grapefruit, banaan, verse munt en verbena. Oeh wat lekker zeg zo’n framboosje met een blaadje verbena erop. Of een braam met munt. Interessant.
Het is inmiddels een uur of 0200/0230 en we gaan echt hard. Dit is echt geweldig wat een euforie en wat een vette visuals hebben we. Alles lijkt te trillen of te bewegen. Waar ik met truffels ook wel dingen zag bewegen, maar daar moest ik er een beetje op letten nu bewoog alles gewoon. Ik hoefde er niks voor te doen, alles bewoog of vibreerde. Mijn muur waar een blauwe tl lamp op schijnt is ook oranje en groen. Hij verandert van kleur en is niet meer alleen blauw. De kreukels in mijn overhemd zorgen voor een explosie van geometrische patronen, fractals en te intense kleuren. We nemen de fruitsalade mee de woonkamer in en gaan op de grond zitten met de salade in het midden. J eet een framboos met een blaadje munt maar het prikt in haar keel. Ze spuugt het zo uit op mijn grond. M en ik hebben zo iets van kom op J je spuugt het toch niet zo uit. Ik vond het niet heel erg en zei dat kan gebeuren en ik ging een doekje halen om het op te ruimen. Ik had lavendel geplukt en in een vaasje gedaan, ik dacht misschien is dat wel top om aan te ruiken tijdens het trippen. J had het ondertussen een beetje koud gekregen en lag in mijn zitzak, met een emmer voor de zekerheid want ze was een klein beetje misselijk. M en ik gingen geweldig goed en terwijl M de tijd van haar leven had in de keuken ging ik weer even naar de woonkamer naar J, ik zat op de stoel en rook aan de lavendel die ik had meegenomen. Ik rook eraan, en ik voelde oranje. Dit was te bizar. Ik Kon oranje voelen terwijl ik lavendel rook. Wat de fuck was dit. De synsesthesie was misschien wel het meest bizarre wat ik ooit had meegemaakt. Het was echter ook het begin van het einde... J kon er met haar hoofd niet bij dat ze gewoon een framboos op mijn vloer had uitgespuugd. Als ze zo iets doet, wat echt niets voor haar is, dan is het niet goed dacht ze. Ze verloor haar controle.
J begint na een tijdje paniekerig te worden, ze wil iemand bellen. Ik raad haar af om de buitenwereld te bellen en het over haar heen te laten komen. Ze wil een goeie vriend van mij bellen, D. Die kent zij ook wel en is ook niet schuw van drugs dus die zou het niet erg vinden. Ik blijf haar afraden om de buitenwereld hierheen te halen. J belt met de brandweer, M en ik denken What the fuck waarom bel je de brandweer en we proberen haar telefoon af te pakken. Kom op zeg je gaat toch geen 112 bellen?! Ze voelde zich niet veilig. We zijn aan het trippen, dan moet je dat soort dingen echt niet doen. Ik probeer haar telefoon af te pakken en met veel moeite lukt dat. Ik denk ik haal de batterij er gewoon ff uit en leg hem op tafel, dan is ze zo weer afgeleid door andere dingen en waarschijnlijk krijgt ze hem toch niet in elkaar en gaat ze dan weer op anderen dingen focussen en komt het goed.
Ze pakt echter gewoon haar telefoon weer en gaat naar mijn toilet, ze doet de deur op slot en belt wederom met 112. De trip neemt nog steeds toe in intensiteit. Ze probeert de alarmdienst uit te leggen waar ze is maar ze komt niet goed uit haar woorden, ze weet mijn adres niet precies en probeert het die mensen uit te leggen aan de hand van; “als je vanaf CS komt, dan die lange weg, langs het St Lucas Andres Zkh en dan geuzenveld.” De mensen aan de andere kant van de lijn snappen er ook helemaal niks van, wel heeft ze gezegd dat we lsd op hebben dus hoogstwaarschijnlijk zullen de mensen daar gedacht hebben dat we een paar trippende gekkies zijn. Ik weet J van het toilet af te lullen en probeer om de alarmdienst uit te leggen dat er niks is en probeer ze weg te klikken, geen idee hoe dat moest alleen, ophangen. Elektronica is veels te boos tijdens het trippen, daarom had ik al mijn telefoon gewoon weggelegd.
J gaat weer ergens in de woonkamer chillen. Ik zie M in de keuken staan, maar wacht ik zie niet 1 M, ik zie er 2, of nee wacht 4. Hè ik zie 8 M’en in M. Terwijl ik naar de kijk zie ik ook op haar voorhoofd een oog, echt gewoon precies zo’n oog/image van Cheiron zn avatar.
Zoals je in het plaatje ziet hoe je in duizenden kamers gaat, zo zag ik dat ook eventjes. We gaan weer naar de woonkamer, J wordt alleen maar paniekeriger, ze gaat niet goed. Ze wil naar buiten toe, ik probeer haar tegen te houden want we beginnen vol te pieken, het is echt heel intens, alles zie ik in veelvoud en alles zie ik ‘open’. Alles zie ik in die duizenden al dan niet miljoenen keren.
Ergens rond 3:30. J rent naar buiten, ze voelt zich niet veilig zegt ze. Ze staat voor mijn portiek te schreeuwen als een malle, of er alsjeblieft even een nuchter persoon kon komen. Uiteindelijk komt mijn buurman naar buiten en die vraagt wat er aan de hand is. Ze is zo paniekerig, ik probeer haar te kalmeren en rustig te praten maar dat lukt niet. Ze vertrouwd mij, en M, maar die had ik binnen laten blijven, niet omdat wij ook trippen. Voor haar waren wij ‘kwaad’ in die zin dat wij haar naar binnen wouden trekken, dieper de trip, dieper in haarzelf. Het enige wat wij in werkelijkheid probeerde was haar te kalmeren maar het kon gewoon niet. Ze stond buiten op mijn portiek op blote voeten, samen met mij en mijn buurman. Mijn buurman probeerde haar rustig te praten, ze wou weer mee naar binnen. Maar mijn buurman moest erbij blijven, ze wou een nuchter persoon hebben. Ze was alle grip op realiteit kwijt en dat vond ze angstaanjagend. M, en vooral ik, vonden het echter geweldig. J zat op mijn stoel met mijn buurman tegenover haar en voor de zekerheid een emmer weer op haar schoot. M en ik lagen op de vloer anderhalve meter verderop. We piekten nu echt ik zag alles wat je kan zien met je ogen dicht ik ging nu mijn kamers in, een zwarte wereld, maar toch ook met allemaal kleuren. Het ging dieper en dieper, ik weet niet of ik op dit moment nog bewoog of stil lag op de grond. Ik wist niet meer wat echt was, was ik echt, zijn wij echt. Is de realiteit die wij normaal gesproken als normaal beschouwen wel de werkelijke realiteit. Ik was in het alles en in het niets. Wat bestond er nog? Bestaan wij? Ik heb nog nihil het besef dat het de acid is, M zit meer op mijn golflengte, ook nog nihil besef dat we trippen, maar het is er nog wel. Hoe ver het ook te zoeken is, we weten dat we hiervoor hebben gekozen en dat dit trippen is. Echt trippen. We (m en ik) liggen dus keihard te trippen op de grond. Zo intens, zo’n gevoel. Hier kan geen woordt tegenop. Geen woord van pracht, geen woord van kwaad. Geen woord links, geen woord rechts. Alles was ying, alles was yang. Alles was niets, niets was alles. M en ik wisten dus nauwelijks meer of we bestonden maar voor J was het te ver. Ze wist niet meer of ze bestond, mijn buurman vertrouwde ze ook al bijna niet meer. Ze vond het doodseng, ze bleef maar vragen of hij nuchter was, of hij de realiteit was. Hij hielp haar en bleef haar geruststellen, ook met dat de piek er bijna op zat. Hij gaf haar zijn horloge, en vertelde de tijd ze had iets vast, iets werkelijks. Dit hielp echter niet, ze wou ambulance zei ze. Ze moest weg. Mijn buurman probeerde haar nog gerust te stellen maar ze moest nu ook braken. Braken was het enige wat nog werkelijkheid leek te zijn voor haar. Ze verloor alle grip op realiteit. Waar ik dat juist iets moois vond was het te veel voor J. Aan de ene kant was ik ook wel blij hoor dat mijn buurman er even was, want ik was het ook helemaal kwijt. Maar wel in positieve zin.
De acid zat diep in J, het moest eruit ,braken was het enige nog wat ze kon doen. Haar enige realiteit, het leek alsof ze puur nog leefde op haar survival instincts ofzo. Haar lichaam protesteerde te erg, ze vocht er tegen...
De ambulance kwam. Volop aan het trippen staan er opeens drie ambulance broeders en twee politie agenten in mijn huis. J zegt dat ze zich niet veilig voelde, ze was bang dat een van ons zou springen van mijn balkon (balkon is nog geen 2,5m hoog). Ze wist dat we zoiets nooit zouden doen, en ze wist dat zij het ook niet zou doen, maar toch voelde ze zich niet veilig, want het ZOU wel kunnen gebeuren, zij zou het wel kunnen doen, want er was toch geen realiteit, ze snapte dat mensen zelfmoord kunnen plegen op de acid en ergens van af springen of zichzelf wat aan doen. Ze ging het niet doen en wou het niet doen maar snapte wel dat het zou kunnen. Het was te bizar voor woorden dit. Ze werd al wel rustiger toen de ambulance kwam, ze gaven haar een infuus en diende kalmerende middelen toe. Haar lichaam ontspande iets, haar geest draaide echter nog steeds op volle toeren. Inmiddels is het ergens rond 4:20, op mijn notitieblokje staat in ieder geval: 4:20 “zieke bad trip J”.
Ik heb het stervens heet dus ik neem snel een koude douche en probeer mijn apen onesie aan te trekken, verrekte ingewikkeld nog. Ik lig een beetje op de grond enzo. M zit in mijn badkamer, ze wou even in de spiegel kijken. Na een poosje vraag ik of het goed met haar gaat en ze zegt van wel. Het blijkt dat ze al een half uur in mijn badkamer is dus ik vraag of ze de deur wil open doen en gezellig met mij in de woonkamer komt chillen. Ze komt uit de badkamer en vertelt dat ze dacht dat ze in een helikopter zat en boven vloog. Terwijl ze ook iets in haar aderen voelde, zelf omschreef ze het alsof er ook bij haar een infuus in haar arm zat en dat ze iets in haar voelde vloeien. Voelde zij haar eigen lichaamsenergie?
5:15 de trip neemt iets af, de visuals worden iets minder soms heb ik het idee dat ik weer weet wat realiteit is. M en ik liggen op mijn tapijt met een paar kussens en een deken, we liggen een beetje knuffelend tegen elkaar aan. Ik heb mijn arm om haar heen en we proberen langzaam grip op de zaak te krijgen. Ik probeer haar uit te leggen wat er net is gebeurd. Ik wist vrijwel meteen toen J weg was, dat ze weg was. Maar M bleef af en toe vragen, en J is nu buiten hè? Het gaat nu goed met haar hè? Ik stelde haar gerust dat J even buiten was en dat het goed kwam. Rond deze tijd bedenken wij dat we misschien het ziekenhuis willen bellen om te vragen hoe het met J gaat. Ik zoek het nummer op maar besluit dat ik nog niet in staat ben om te bellen. We gaan weer verder met liggen op de grond. Er hangt een enorm beladen sfeer en het duurt tot ongeveer 0600 voordat we pas echt goed beseffen wat er is gebeurd zojuist. J belt ook op uit het ziekenhuis, het is fijn om haar stem te horen en te weten dat het weer wat beter met haar gaat. We proberen te bespreken wat er is gebeurd. Zij we proberen elkaar uit te leggen wat we allemaal net hebben gezien maar je kan zo iets gewoon niet uitleggen. J verteld dat ze oprecht dacht dat ze dood was, dat ze niet meer bestond. Het was zo eng zei ze, dat ze niet meer bestond dat ze dacht dat ze ook net goed dood kon, want dat was ze immers toch al. We moesten alles even op een rijtje krijgen, alles moest een plekje krijgen. Want tering wat wij net hadden gezien (terwijl J met buurman en ambu was) Wauw, zo iets krankzinnigs hadden we nog nooit meegemaakt. We wisten echt even niet meer of realiteit bestond zonet, en wat dat dan uberhaupt is.
Het is dus rond de klok van 0600 en ik heb M uitgelegd J in het ziekenhuis is, ik wachtte bewust eventjes met zeggen dat ze echt in het ziekenhuis ligt en niet ‘even buiten’ is omdat ik haar niet ongerust wou maken. Volgens mij wist M het zelf ook wel, maar er was net zoveel gebeurd, in onze eigen psyche dat ik haar niet meteen wou laten schrikken. Tenminste ik was bang dat ze dan misschien zou schrikken en ook paniekerig kon worden. We besluiten naar buiten te gaan, even weg van deze beladen ruimte. We wandelen door een parkje, hand in hand als een verliefd stelletje (niet dat we dat zijn, maar het voelde gewoon goed om even zo te lopen en bespreken wat we net hebben gezien en wat er is gebeurd). Terwijl we over kleine heuveltjes van gras kijken zien we de dauw erop, en af en toe raast er een gele gloed over. Zoals je dat in een film kan zien wanneer de zon op komt en het veld verlicht. Kleuren in de natuur werden soms uit het niets intenser. We liepen over een pad met allemaal schelpjes en steentjes erop en er hing een super mooie parelmoer glans over. Wat kunnen dit soort dingen mooi zijn. We lopen een tijdje en besluiten ergens op een bankje te gaan zitten. We kijken uit over een sloot, met daarachter een veld met wat schapen. Weer een heel stuk verderop een rij bomen en daar draven ook paarden. Langs de waterlijn van de sloot groeien rietstruiken met paarsige bloemen ertussen. Het lijkt soms alsof er pauwenveren in zitten. Na een tijdje hier gezeten te hebben en gepraat te hebben over hoe mooi alles is en nog steeds proberen te verwerken wat er net is gebeurd lopen we weer terug. We lopen over een bruggetje en ik zie dat er kroos ligt op het water. Ik sta ernaar, wou wat mooi. Het beweegt in allerlei patronen, er hangt weer een glans over, alsof het allemaal edelstenen zijn. Allemaal smaragden. Hoe langer ik er naar staar zonder te knipperen hoe meer ik zie, soms lijk ik weer die duizenden ogen erin te zien.
Rond 0730 zijn we thuis denk ik en we liggen weer op het tapijt met een deken naar muziek te luisteren. We zijn eigenlijk best wel moe maar slapen kan echt nog niet, we trippen nog te veel. We nemen een ballonetje.
Vanaf hier tot 13:30 hebben we niet veel bijzonders gedaan, een beetje uitliggen trippen, geprobeerd wat slaap te pakken maar dat ging toch niet. In de tussentijd veel contact met J gehad. Ik zeg haar dat het me spijt en dat ik me schuldig voel. Het voelt als mijn verantwoordelijkheid en zo had ik het niet gewild. Ik heb ook nog notities met tijd en een paar zinnen, een daarvan luidt “0500: Voel me schuldig, wou dit niet. Houd van haar” een ander, geschreven tussen 0500 en 0600;
“Lieve J
Het spijt me zozeer
Dit is niet hoe ik me de avond had voorgesteld
Met zn drieen lekker trippen
Veilig bij mij thuis
Niet wetende hoeveel ik van je houd
Lieve J ik hoop dat je het me vergeeft”
J had in het ziekenhuis een vriend van mij A als contact persoon opgegeven. A was die zaterdag naar Gaasper Pleasure festival en naar een after en had aan de snoepjes gezeten. Rond de klok van 11 of 12 echter was hij wakker en heb ik hem even gebeld en verteld wat er allemaal gebeurd is, en dat hij zich geen zorgen hoeft te maken en dat er niets ‘ernstigs’ is gebeurd.
13:30, M en ik gaan J uit het ziekenhuis halen. We lopen naar mijn huis en we proberen met zn drieen te bespreken wat er is gebeurd en wat wij hebben meegemaakt. Het voelt alsof we een hele hoop hebben meegemaakt en we moeten dit echt even verwerken.
Tussen 15:00 en 16:00 is D (eerder genoemd omdat J hem wou bellen) naar mij gekomen en A komt ook. We bespreken wat er is gebeurd, het is zelfs nu fijn om anderen ‘nuchtere/reeële’ personen er bij te hebben.
We eten wat, kijken een filmpje en rond 1900 gaat M naar huis, ze moet immers nog naar Eindhoven. J die durft eigenlijk niet naar huis, ze moet haar ouders dit vertellen maar ze is er nog niet klaar voor. Ze besluit wat langer te blijven zodat haar ouders slapen als ze thuiskomt en ze er eerst een nachtje over kan slapen. J is nog steeds redelijk paniekerig, en ik ben dat ook omdat ik wel wil dat ze veilig thuiskomt. Inmiddels zijn we ook al zo’n 32uur wakker. Ik besluit even met haar mee te gaan en te zorgen dat ze veilig op de trein stapt richting huis.
Het is 2200 en ik ga slapen. Om 1300 wordt ik wakker, en inmiddels lijkt het alsof ik het een beetje een plekje heb kunnen geven en wat heb verwerkt van wat er is gebeurd.
Het was zaterdagnacht 15 augustus. Eindelijk was het zover, mijn eerste echte LSD trip zat er aan te komen. Ik ging dit doen samen met twee vriendinnen van mij J en M. Ieder van ons had al eerdere trip ervaringen met truffels opgedaan. Ikzelf had al drie keer eerder lsd genomen, maar dan in lage dossisen. (70/40/40ug) Dit maal gingen we voor het echte werk. We wilden niet dat het tegenviel dus besloten om 130ug te nemen. Tegenvallen deed het zeker niet en tegelijkertijd was het de grootste tegenvaller ooit.
Tijden zijn schattingen, ik heb wel een notitie boekje er bij gehouden voor enige leidraad.
Rond de klok van 0100 leggen wij de acid onder onze tong. We wachten in spanning af, benieuwd hoeveel heftiger dit gaat zijn dan truffels. Benieuwd wat voor visuals we te zien krijgen. Zouden alle kleuren in elkaar morhpen? Ga ik synesthesie ervaren? Hoe voelt dit dan aan. Vol met gezonde spanningen wachten we af.
1:35 we hebben lift off, de eerste kenmerken beginnen op te komen. J voelt het als eerste opkomen, ze zegt dat ze mn tapijt ziet golven, alsof alle stof als een soort van wormen bewegen. Iets later merk ik het ook, de tv lijkt groter en kleiner te worden, het begint. M en ik kunnen niks anders doen dan lachen, ik krijg na een kwartier enorme pijn aan mn kaken van het lachen maar het maakt me niet uit. Dit is geweldig leuk. M en ik beginnen ook te dansen in mijn woonkamer, ik wil meer dansruimte dus ik haal mn was af. J en M vinden het enorm grappig dat ik nu mn was doe. Ik wil gewoon meer dansruimte. Eenmaal klaar met de was heb ik eindelijk de ruimte, ik heb zo’n 12/15m2 aan open ruimte om te dansen. Ik sta rondjes te draaien met mijn ogen dicht, mijn armen zwaaien heen en weer. Hé als ik naar mijn armen kijk, dan lijkt het alsof ik ze erna ook nog zie. Wanneer je je hand zwaait, zie je een paar handen erachteraan wazen. We gaan naar de keuken en moeten enorm lachen om mijn specerijen rek. Tering wat is het grappig dat dat maar staat. De visuals blijven intenser worden. M eet een druif, maar met het stokje er nog aan dus het prikt in haar keel. We moeten keihard lachen dat dit gebeurt. Ik had een verse fruitsalade gemaakt met bramen,frambozen, grapefruit, banaan, verse munt en verbena. Oeh wat lekker zeg zo’n framboosje met een blaadje verbena erop. Of een braam met munt. Interessant.
Het is inmiddels een uur of 0200/0230 en we gaan echt hard. Dit is echt geweldig wat een euforie en wat een vette visuals hebben we. Alles lijkt te trillen of te bewegen. Waar ik met truffels ook wel dingen zag bewegen, maar daar moest ik er een beetje op letten nu bewoog alles gewoon. Ik hoefde er niks voor te doen, alles bewoog of vibreerde. Mijn muur waar een blauwe tl lamp op schijnt is ook oranje en groen. Hij verandert van kleur en is niet meer alleen blauw. De kreukels in mijn overhemd zorgen voor een explosie van geometrische patronen, fractals en te intense kleuren. We nemen de fruitsalade mee de woonkamer in en gaan op de grond zitten met de salade in het midden. J eet een framboos met een blaadje munt maar het prikt in haar keel. Ze spuugt het zo uit op mijn grond. M en ik hebben zo iets van kom op J je spuugt het toch niet zo uit. Ik vond het niet heel erg en zei dat kan gebeuren en ik ging een doekje halen om het op te ruimen. Ik had lavendel geplukt en in een vaasje gedaan, ik dacht misschien is dat wel top om aan te ruiken tijdens het trippen. J had het ondertussen een beetje koud gekregen en lag in mijn zitzak, met een emmer voor de zekerheid want ze was een klein beetje misselijk. M en ik gingen geweldig goed en terwijl M de tijd van haar leven had in de keuken ging ik weer even naar de woonkamer naar J, ik zat op de stoel en rook aan de lavendel die ik had meegenomen. Ik rook eraan, en ik voelde oranje. Dit was te bizar. Ik Kon oranje voelen terwijl ik lavendel rook. Wat de fuck was dit. De synsesthesie was misschien wel het meest bizarre wat ik ooit had meegemaakt. Het was echter ook het begin van het einde... J kon er met haar hoofd niet bij dat ze gewoon een framboos op mijn vloer had uitgespuugd. Als ze zo iets doet, wat echt niets voor haar is, dan is het niet goed dacht ze. Ze verloor haar controle.
J begint na een tijdje paniekerig te worden, ze wil iemand bellen. Ik raad haar af om de buitenwereld te bellen en het over haar heen te laten komen. Ze wil een goeie vriend van mij bellen, D. Die kent zij ook wel en is ook niet schuw van drugs dus die zou het niet erg vinden. Ik blijf haar afraden om de buitenwereld hierheen te halen. J belt met de brandweer, M en ik denken What the fuck waarom bel je de brandweer en we proberen haar telefoon af te pakken. Kom op zeg je gaat toch geen 112 bellen?! Ze voelde zich niet veilig. We zijn aan het trippen, dan moet je dat soort dingen echt niet doen. Ik probeer haar telefoon af te pakken en met veel moeite lukt dat. Ik denk ik haal de batterij er gewoon ff uit en leg hem op tafel, dan is ze zo weer afgeleid door andere dingen en waarschijnlijk krijgt ze hem toch niet in elkaar en gaat ze dan weer op anderen dingen focussen en komt het goed.
Ze pakt echter gewoon haar telefoon weer en gaat naar mijn toilet, ze doet de deur op slot en belt wederom met 112. De trip neemt nog steeds toe in intensiteit. Ze probeert de alarmdienst uit te leggen waar ze is maar ze komt niet goed uit haar woorden, ze weet mijn adres niet precies en probeert het die mensen uit te leggen aan de hand van; “als je vanaf CS komt, dan die lange weg, langs het St Lucas Andres Zkh en dan geuzenveld.” De mensen aan de andere kant van de lijn snappen er ook helemaal niks van, wel heeft ze gezegd dat we lsd op hebben dus hoogstwaarschijnlijk zullen de mensen daar gedacht hebben dat we een paar trippende gekkies zijn. Ik weet J van het toilet af te lullen en probeer om de alarmdienst uit te leggen dat er niks is en probeer ze weg te klikken, geen idee hoe dat moest alleen, ophangen. Elektronica is veels te boos tijdens het trippen, daarom had ik al mijn telefoon gewoon weggelegd.
J gaat weer ergens in de woonkamer chillen. Ik zie M in de keuken staan, maar wacht ik zie niet 1 M, ik zie er 2, of nee wacht 4. Hè ik zie 8 M’en in M. Terwijl ik naar de kijk zie ik ook op haar voorhoofd een oog, echt gewoon precies zo’n oog/image van Cheiron zn avatar.
Ergens rond 3:30. J rent naar buiten, ze voelt zich niet veilig zegt ze. Ze staat voor mijn portiek te schreeuwen als een malle, of er alsjeblieft even een nuchter persoon kon komen. Uiteindelijk komt mijn buurman naar buiten en die vraagt wat er aan de hand is. Ze is zo paniekerig, ik probeer haar te kalmeren en rustig te praten maar dat lukt niet. Ze vertrouwd mij, en M, maar die had ik binnen laten blijven, niet omdat wij ook trippen. Voor haar waren wij ‘kwaad’ in die zin dat wij haar naar binnen wouden trekken, dieper de trip, dieper in haarzelf. Het enige wat wij in werkelijkheid probeerde was haar te kalmeren maar het kon gewoon niet. Ze stond buiten op mijn portiek op blote voeten, samen met mij en mijn buurman. Mijn buurman probeerde haar rustig te praten, ze wou weer mee naar binnen. Maar mijn buurman moest erbij blijven, ze wou een nuchter persoon hebben. Ze was alle grip op realiteit kwijt en dat vond ze angstaanjagend. M, en vooral ik, vonden het echter geweldig. J zat op mijn stoel met mijn buurman tegenover haar en voor de zekerheid een emmer weer op haar schoot. M en ik lagen op de vloer anderhalve meter verderop. We piekten nu echt ik zag alles wat je kan zien met je ogen dicht ik ging nu mijn kamers in, een zwarte wereld, maar toch ook met allemaal kleuren. Het ging dieper en dieper, ik weet niet of ik op dit moment nog bewoog of stil lag op de grond. Ik wist niet meer wat echt was, was ik echt, zijn wij echt. Is de realiteit die wij normaal gesproken als normaal beschouwen wel de werkelijke realiteit. Ik was in het alles en in het niets. Wat bestond er nog? Bestaan wij? Ik heb nog nihil het besef dat het de acid is, M zit meer op mijn golflengte, ook nog nihil besef dat we trippen, maar het is er nog wel. Hoe ver het ook te zoeken is, we weten dat we hiervoor hebben gekozen en dat dit trippen is. Echt trippen. We (m en ik) liggen dus keihard te trippen op de grond. Zo intens, zo’n gevoel. Hier kan geen woordt tegenop. Geen woord van pracht, geen woord van kwaad. Geen woord links, geen woord rechts. Alles was ying, alles was yang. Alles was niets, niets was alles. M en ik wisten dus nauwelijks meer of we bestonden maar voor J was het te ver. Ze wist niet meer of ze bestond, mijn buurman vertrouwde ze ook al bijna niet meer. Ze vond het doodseng, ze bleef maar vragen of hij nuchter was, of hij de realiteit was. Hij hielp haar en bleef haar geruststellen, ook met dat de piek er bijna op zat. Hij gaf haar zijn horloge, en vertelde de tijd ze had iets vast, iets werkelijks. Dit hielp echter niet, ze wou ambulance zei ze. Ze moest weg. Mijn buurman probeerde haar nog gerust te stellen maar ze moest nu ook braken. Braken was het enige wat nog werkelijkheid leek te zijn voor haar. Ze verloor alle grip op realiteit. Waar ik dat juist iets moois vond was het te veel voor J. Aan de ene kant was ik ook wel blij hoor dat mijn buurman er even was, want ik was het ook helemaal kwijt. Maar wel in positieve zin.
De acid zat diep in J, het moest eruit ,braken was het enige nog wat ze kon doen. Haar enige realiteit, het leek alsof ze puur nog leefde op haar survival instincts ofzo. Haar lichaam protesteerde te erg, ze vocht er tegen...
De ambulance kwam. Volop aan het trippen staan er opeens drie ambulance broeders en twee politie agenten in mijn huis. J zegt dat ze zich niet veilig voelde, ze was bang dat een van ons zou springen van mijn balkon (balkon is nog geen 2,5m hoog). Ze wist dat we zoiets nooit zouden doen, en ze wist dat zij het ook niet zou doen, maar toch voelde ze zich niet veilig, want het ZOU wel kunnen gebeuren, zij zou het wel kunnen doen, want er was toch geen realiteit, ze snapte dat mensen zelfmoord kunnen plegen op de acid en ergens van af springen of zichzelf wat aan doen. Ze ging het niet doen en wou het niet doen maar snapte wel dat het zou kunnen. Het was te bizar voor woorden dit. Ze werd al wel rustiger toen de ambulance kwam, ze gaven haar een infuus en diende kalmerende middelen toe. Haar lichaam ontspande iets, haar geest draaide echter nog steeds op volle toeren. Inmiddels is het ergens rond 4:20, op mijn notitieblokje staat in ieder geval: 4:20 “zieke bad trip J”.
Ik heb het stervens heet dus ik neem snel een koude douche en probeer mijn apen onesie aan te trekken, verrekte ingewikkeld nog. Ik lig een beetje op de grond enzo. M zit in mijn badkamer, ze wou even in de spiegel kijken. Na een poosje vraag ik of het goed met haar gaat en ze zegt van wel. Het blijkt dat ze al een half uur in mijn badkamer is dus ik vraag of ze de deur wil open doen en gezellig met mij in de woonkamer komt chillen. Ze komt uit de badkamer en vertelt dat ze dacht dat ze in een helikopter zat en boven vloog. Terwijl ze ook iets in haar aderen voelde, zelf omschreef ze het alsof er ook bij haar een infuus in haar arm zat en dat ze iets in haar voelde vloeien. Voelde zij haar eigen lichaamsenergie?
5:15 de trip neemt iets af, de visuals worden iets minder soms heb ik het idee dat ik weer weet wat realiteit is. M en ik liggen op mijn tapijt met een paar kussens en een deken, we liggen een beetje knuffelend tegen elkaar aan. Ik heb mijn arm om haar heen en we proberen langzaam grip op de zaak te krijgen. Ik probeer haar uit te leggen wat er net is gebeurd. Ik wist vrijwel meteen toen J weg was, dat ze weg was. Maar M bleef af en toe vragen, en J is nu buiten hè? Het gaat nu goed met haar hè? Ik stelde haar gerust dat J even buiten was en dat het goed kwam. Rond deze tijd bedenken wij dat we misschien het ziekenhuis willen bellen om te vragen hoe het met J gaat. Ik zoek het nummer op maar besluit dat ik nog niet in staat ben om te bellen. We gaan weer verder met liggen op de grond. Er hangt een enorm beladen sfeer en het duurt tot ongeveer 0600 voordat we pas echt goed beseffen wat er is gebeurd zojuist. J belt ook op uit het ziekenhuis, het is fijn om haar stem te horen en te weten dat het weer wat beter met haar gaat. We proberen te bespreken wat er is gebeurd. Zij we proberen elkaar uit te leggen wat we allemaal net hebben gezien maar je kan zo iets gewoon niet uitleggen. J verteld dat ze oprecht dacht dat ze dood was, dat ze niet meer bestond. Het was zo eng zei ze, dat ze niet meer bestond dat ze dacht dat ze ook net goed dood kon, want dat was ze immers toch al. We moesten alles even op een rijtje krijgen, alles moest een plekje krijgen. Want tering wat wij net hadden gezien (terwijl J met buurman en ambu was) Wauw, zo iets krankzinnigs hadden we nog nooit meegemaakt. We wisten echt even niet meer of realiteit bestond zonet, en wat dat dan uberhaupt is.
Het is dus rond de klok van 0600 en ik heb M uitgelegd J in het ziekenhuis is, ik wachtte bewust eventjes met zeggen dat ze echt in het ziekenhuis ligt en niet ‘even buiten’ is omdat ik haar niet ongerust wou maken. Volgens mij wist M het zelf ook wel, maar er was net zoveel gebeurd, in onze eigen psyche dat ik haar niet meteen wou laten schrikken. Tenminste ik was bang dat ze dan misschien zou schrikken en ook paniekerig kon worden. We besluiten naar buiten te gaan, even weg van deze beladen ruimte. We wandelen door een parkje, hand in hand als een verliefd stelletje (niet dat we dat zijn, maar het voelde gewoon goed om even zo te lopen en bespreken wat we net hebben gezien en wat er is gebeurd). Terwijl we over kleine heuveltjes van gras kijken zien we de dauw erop, en af en toe raast er een gele gloed over. Zoals je dat in een film kan zien wanneer de zon op komt en het veld verlicht. Kleuren in de natuur werden soms uit het niets intenser. We liepen over een pad met allemaal schelpjes en steentjes erop en er hing een super mooie parelmoer glans over. Wat kunnen dit soort dingen mooi zijn. We lopen een tijdje en besluiten ergens op een bankje te gaan zitten. We kijken uit over een sloot, met daarachter een veld met wat schapen. Weer een heel stuk verderop een rij bomen en daar draven ook paarden. Langs de waterlijn van de sloot groeien rietstruiken met paarsige bloemen ertussen. Het lijkt soms alsof er pauwenveren in zitten. Na een tijdje hier gezeten te hebben en gepraat te hebben over hoe mooi alles is en nog steeds proberen te verwerken wat er net is gebeurd lopen we weer terug. We lopen over een bruggetje en ik zie dat er kroos ligt op het water. Ik sta ernaar, wou wat mooi. Het beweegt in allerlei patronen, er hangt weer een glans over, alsof het allemaal edelstenen zijn. Allemaal smaragden. Hoe langer ik er naar staar zonder te knipperen hoe meer ik zie, soms lijk ik weer die duizenden ogen erin te zien.
Rond 0730 zijn we thuis denk ik en we liggen weer op het tapijt met een deken naar muziek te luisteren. We zijn eigenlijk best wel moe maar slapen kan echt nog niet, we trippen nog te veel. We nemen een ballonetje.
Vanaf hier tot 13:30 hebben we niet veel bijzonders gedaan, een beetje uitliggen trippen, geprobeerd wat slaap te pakken maar dat ging toch niet. In de tussentijd veel contact met J gehad. Ik zeg haar dat het me spijt en dat ik me schuldig voel. Het voelt als mijn verantwoordelijkheid en zo had ik het niet gewild. Ik heb ook nog notities met tijd en een paar zinnen, een daarvan luidt “0500: Voel me schuldig, wou dit niet. Houd van haar” een ander, geschreven tussen 0500 en 0600;
“Lieve J
Het spijt me zozeer
Dit is niet hoe ik me de avond had voorgesteld
Met zn drieen lekker trippen
Veilig bij mij thuis
Niet wetende hoeveel ik van je houd
Lieve J ik hoop dat je het me vergeeft”
J had in het ziekenhuis een vriend van mij A als contact persoon opgegeven. A was die zaterdag naar Gaasper Pleasure festival en naar een after en had aan de snoepjes gezeten. Rond de klok van 11 of 12 echter was hij wakker en heb ik hem even gebeld en verteld wat er allemaal gebeurd is, en dat hij zich geen zorgen hoeft te maken en dat er niets ‘ernstigs’ is gebeurd.
13:30, M en ik gaan J uit het ziekenhuis halen. We lopen naar mijn huis en we proberen met zn drieen te bespreken wat er is gebeurd en wat wij hebben meegemaakt. Het voelt alsof we een hele hoop hebben meegemaakt en we moeten dit echt even verwerken.
Tussen 15:00 en 16:00 is D (eerder genoemd omdat J hem wou bellen) naar mij gekomen en A komt ook. We bespreken wat er is gebeurd, het is zelfs nu fijn om anderen ‘nuchtere/reeële’ personen er bij te hebben.
We eten wat, kijken een filmpje en rond 1900 gaat M naar huis, ze moet immers nog naar Eindhoven. J die durft eigenlijk niet naar huis, ze moet haar ouders dit vertellen maar ze is er nog niet klaar voor. Ze besluit wat langer te blijven zodat haar ouders slapen als ze thuiskomt en ze er eerst een nachtje over kan slapen. J is nog steeds redelijk paniekerig, en ik ben dat ook omdat ik wel wil dat ze veilig thuiskomt. Inmiddels zijn we ook al zo’n 32uur wakker. Ik besluit even met haar mee te gaan en te zorgen dat ze veilig op de trein stapt richting huis.
Het is 2200 en ik ga slapen. Om 1300 wordt ik wakker, en inmiddels lijkt het alsof ik het een beetje een plekje heb kunnen geven en wat heb verwerkt van wat er is gebeurd.
