Vaak wordt het zo gepresenteerd: Iedereen wordt juist druk van stimulantia maar mensen met ADHD niet, die worden er juist rustig van. En dat lijkt dan paradoxaal. Maar eigenlijk is dit een enorme versimpeling van wat er echt gebeurd.
In een lage dosis zorgen stimulantia voor meer focus en alertheid. Je wordt pas ‘druk’ bij een (te) hoge dosis. Mensen met ADHD hebben een gebrek aan focus en alertheid en zijn daardoor druk en afgeleid. Met een beetje extra focus en alertheid worden ze, in eerste instantie, dus minder druk en afgeleid.
Stimulantia hebben dus wel hetzelfde effect (meer focus en alertheid), maar door individuele verschillen net een andere uitwerking. Bij hoge dosissen verdwijnen deze verschillen. Dan worden zowel mensen met als zonder ADHD ‘druk’ van stimulantia, maar dat is eigenlijk een ander soort drukte — een drukte die voorkomt uit overgestimuleerd zijn, niet uit een gebrek aan focus en alertheid.
Het is dus niet zo dat uppers bij mensen met ADHD ineens als downers werken. Zo doen mensen het soms bijna voorkomen en dat is echt niet waar.